| Grafiek borstgevoede kinderen | 130 KB |
| Wetenschapelijk artikel | 223 KB |
'); }catch (err){}
Borstvoeding is goed voor moeder en kind. Soms komt het echter voor dat een kind te weinig borstvoeding binnenkrijgt. Een pasgeborene kan de eerste drie dagen na de geboorte afvallen, dat is normaal. Als het kind echter te veel gewicht verliest, kan dit een indicatie zijn voor uitdroging. Met een grafiek van TNO is het normale verloop van het gewichtsverlies te volgen en kan de zorgprofessional tijdig ingrijpen als het kind te veel afvalt.
|
Het is normaal dat pasgeborenen in de eerste drie dagen na de geboorte gewicht verliezen. Na gemiddeld acht dagen is het geboortegewicht weer bereikt. Soms komt het echter voor dat een kind te weinig borstvoeding binnenkrijgt. Het is daarom van belang het gewichtsverlies gedurende de eerste weken goed te controleren. Als het kind te veel afvalt, kan dit een indicatie voor uitdroging zijn. Uitdroging kan tot ernstige complicaties leiden.
TNO heeft bij meer dan 1500 pasgeboren Nederlandse kinderen die borstvoeding krijgen het gewichtsverlies tussen twee en elf dagen na de geboorte gemeten. Daarmee is een grafiek gemaakt die het normale verloop van gewichtsverlies van borstgevoede zuigelingen weergeeft. Op de verticale as van de grafiek staat de relatieve gewichtverandering (RGV). Dit is het gewicht als percentage van het geboortegewicht. De meeste kinderen - 95 % - hebben een RGV die in de groene zone van de grafiek valt. Als de RGV van een pasgeborene buiten deze groene zone valt, is alertheid geboden.
TNO heeft aan de hand van deze grafiek een wetenschappelijk onderbouwde criteria ontwikkeld voor het opsporen van kinderen die onvoldoende borstvoeding binnenkrijgen. De mogelijkheden worden onderzocht om deze criteria te vertalen naar een standaard voor de betrokken zorgprofessionals.