Kinderen en overgewicht

Het aantal kinderen met overgewicht en obesitas is de laatste jaren wereldwijd snel toegenomen. Ook in Nederland is overgewicht een uitdijend probleem. TNO monitored de ontwikkelingen, evalueert interventies en werkt aan preventie.

In 2006 analyseerden TNO en VU Medisch Centrum de gegevens van meer dan 80.000 kinderen in de leeftijd van vier tot vijftien jaar op overgewicht. Gemiddeld is veertien procent van de jongens en zeventien procent van de meisjes te dik.

Begin 2008 zijn de resultaten gepubliceerd van een onderzoek van TNO, Universiteit Twente en het UMC Utrecht onder bijna vierhonderd ouders van zuigelingen en peuters. Eén op de zeven baby’s is te zwaar, regelmatig ontbijten komt er vaak niet van en ouders komen er te weinig aan toe om hun kinderen buiten te laten spelen. Ouders kunnen veel doen aan preventie van overgewicht.

Stimuleren van bewegen

Leidt meer bewegen tot een gezond gewicht bij kinderen? TNO onderzoekt het beweeggedrag van jeugdigen. Bijvoorbeeld hoe de inrichting van een wijk of speelplek bijdraagt aan het meer laten bewegen van kinderen. Ook werkt TNO aan de ontwikkeling van nieuwe beweegconcepten.

Groei & ontwikkeling monitoren

TNO volgt sinds 1955 de groei en ontwikkeling van Nederlandse kinderen en vertaalt dit naar monitoring-instrumenten voor professionals. Bijvoorbeeld de BMI-meter voor kinderen. In juni 2010 worden tijdens een symposium de resultaten van de Vijfde Landelijke Groeistudie gepresenteerd.

Wijkgerichte aanpak

In Nederland is de bevordering van de gezondheid wettelijk opgedragen aan gemeenten. Die hebben preventie van overgewicht bij kinderen dan ook hoog op de prioriteitenlijst staan. Toch krijgt het gemeentelijk gezondheidsbeleid nog maar beperkt invulling. Dat is niet omdat er geen besef van urgentie is bij allerlei betrokken instanties, en evenmin omdat er geen interventies beschikbaar zijn. Veel gemeenten worstelen met de vraag welke interventies het meest effectief zijn in de context van hun eigen gemeente, op het niveau van de wijk. Want de ene wijk is de andere niet. Verschillen in typen bewoners of inrichting van de wijk vragen om een verschillende aanpak. Daarbij zijn altijd meerdere partijen betrokken: van de GGD tot scholen en ouders, van Centra voor Jeugd en Gezin tot sportverenigingen. De kunst is om tot een vorm van samenwerking te komen die tot synergie leidt. Lees meer.

Contactpersoon

Dr.Ir. M.W. (Marieke) Verheijden
088 866 62 10
Contact opnemen

Niet gevonden wat u zocht?