Dr. Rick van der Kleij
- human factors
- samenwerken
- teamfunctioneren
- human-agent teaming
- cyber security
Veiligheid staat in Nederland hoog op de politieke en maatschappelijke agenda. De politiek stelt dat straten, wijken en openbare ruimten veiliger moeten worden. Om Nederland veiliger te maken heeft TNO in opdracht van het ministerie van Veiligheid & Justitie het TNO-onderzoeksprogramma Veilige Maatschappij uitgevoerd. Een belangrijk onderwerp hierbinnen is afwijkend gedrag.
Afwijkend gedrag is gedrag dat voorafgaat en gerelateerd is aan criminele of terroristische activiteiten. Veiligheidsprofessionals kunnen beter inspelen op situaties, wanneer ze begrijpen wat de psychologische en fysiologische achtergronden zijn van afwijkend gedrag. Beveiliging op basis van afwijkend gedrag geeft beveiligers mogelijkheden om eerder op dreigende incidenten in te spelen, de criminele plannen en activiteiten te frustreren of om daders op heterdaad te betrappen. Het is daarom van groot belang om beter te weten wat afwijkend gedrag is en hoe dit te herkennen is.
Kennis opgedaan binnen het onderzoeksprogramma is toegepast binnen velerlei domeinen voor en met partijen binnen de publieke en private veiligheid. Denk hierbij aan politie, Douane, Koninklijke Marechaussee, Ministerie van Defensie, gemeenten, particuliere beveiligingsorganisaties, videosurveillance systeemintegrators en inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Hieronder staat een aantal projecten die een indruk geven van de toepassing van de opgebouwde kennis.
In opdracht van het Rijksmuseum, het Van Goghmuseum en Sosecure heeft TNO onderzocht welke competenties voorspellen of iemand geschikt is voor het herkennen van, en het correct reageren op afwijkend gedrag in een museale context. Nog niet eerder is onafhankelijk onderzoek gedaan naar competenties van deze vorm van proactief beveiligen. Het onderzoek laat zien dat relevante werkervaring in het veiligheidsdomein, naast andere kenmerken, zoals een positieve teamoriëntatie, zelfvertrouwen en een extraverte persoonlijkheid, belangrijke voorspellers zijn van toekomstig functioneren als veiligheidsprofessional. Het beveiligingsbedrijf SoSecure gebruikt de kennis bij de selectie en training van nieuwe museumbeveiligers, of zoals deze tegenwoordig worden genoemd: security profilers.
TNO heeft in samenwerking met V-Step, de Gemeente Rotterdam, de Politie Rotterdam-Rijnmond en de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid een trainingsinstrument voor cameratoezicht ontwikkeld. Toezichthouders leren hiermee om cameratoezichtapparatuur te bedienen. Met het trainingsinstrument, de EyeObserve Simulator, kunnen zij ook afwijkend gedrag op virtuele bewakingscamerabeelden detecteren en interpreteren.
In opdracht van ProRail en de Nederlandse Spoorwegen heeft TNO kennis over afwijkend gedrag toegepast om meer grip te krijgen op suïcide op en rond het spoor. Samenwerkingspartner Pragmavision ontwikkelde uiteindelijk een training waarbij spoorpersoneel leert om suïcidale personen in een vroeg stadium te herkennen en daar op de juiste manier op te reageren.
Heeft u ook een veiligheidsvraagstuk? Of wilt u meer informatie over bovenstaande voorbeelden? Neem dan contact op met Rick van der Kleij.
Ook in internationaal verband doet TNO onderzoek, samen met andere onderzoeksinstituten, universiteiten en het bedrijfsleven. Hierbij is de Europese Unie een belangrijke financier. Voorbeelden van Europese projecten waarin TNO participeert:
Om de complexiteit van toezicht hanteerbaar te maken wordt vaak gekeken vanuit verschillende perspectieven naar relevante vraagstukken en onderwerpen binnen de openbare orde- en veiligheidssector. Binnen het TNO-onderzoeksprogramma Veilige Maatschappij is gekozen voor de perspectieven mens, omgeving, techniek en organisatie. De toekomst van toezicht op afwijkend gedrag wordt volgens ons door een aantal trends bepaald. Deze ontwikkelingen liggen op elk van de vier perspectieven op toezicht. Ten eerste, door technologische innovaties die de veiligheidsprofessional inzicht kunnen geven in zijn of haar eigen psychofysiologische toestand, zien wij een toegenomen aandacht voor de toezichthouder als mens. Ten tweede, als we naar de omgeving kijken, zien we nieuwe dreigingen die zich online manifesteren, zoals bijvoorbeeld op social media. Ten derde, op het gebied van techniek zien we de toepassing van intelligente gedragscamera’s verschuiven van de laboratoria naar de praktijk. Ten vierde, vanuit de organisatie zien we een toegenomen aandacht voor het zorgvuldig gebruik van het huidige beste empirische bewijsmateriaal bij het toepassen van veiligheidsmaatregelen, oftewel de implementatie van onderzoeksresultaten in de praktijk.
Wilt u hier meer over lezen? Neem dan contact op met Rick van der Kleij.