Ons werk

CO2 REMOVE

In het CO2 REMOVE project, gecoördineerd door TNO en gefinancierd door de EC voor het onderzoeken, monitoren en verifiëren van technologieën voor de geologische opslag van CO2, zal onderzoek worden gedaan naar methoden voor het monitoren en verifiëren van opslag van CO2 in geologische structuren. Het vijfjarige project (gestart in 2006, budget €15 m) richt zich op het bundelen van alle relevante onderzoekingen, en in de praktijk opgedane kennis.

Sinds 1990 hebben landen in Europa en de Europese Commissie aanzienlijk geïnvesteerd in het onderzoek naar geologische opslag van CO2. Eerst is een inventarisatie gemaakt van mogelijke opslagplaatsen en bijbehorende opslagvolumes, vervolgens zijn modellen geconstrueerd om het ondergrondse gedrag van CO2 en de reservoirs te bestuderen en om mogelijke problemen vast te stellen. Uiteindelijk is een risicoanalyse gemaakt voor verschillende relevante tijdschalen. Sinds het begin van de injectie op industriële schaal in Sleipner (Noorwegen) in 1996, is de focus van het onderzoek verschoven naar het monitoren van het geïnjecteerde CO2. De afgelopen tien jaar is ervaring opgedaan in grootschalige projecten (Sleipner, Noorwegen; Weyburn, Canada) en kleinere "laboratoriumprojecten" in Nederland en Polen. Drie nieuwe geologische opslagprojecten (Salah, Algerije; Snøhvit, Noorwegen; Ketzin, Duitsland) bieden de mogelijkheid om dit werk voort te zetten. In de loop van het project zal ook aandacht worden besteed aan andere opslagprojecten in Polen (Tarnow, Kaniow) of Canada (Weyburn).

Industriële risicobeoordeling

Een consortium van organisaties uit de industrie, onderzoekswereld en dienstverlening stelt een serie monitoringsmethoden voor mbt een samenhangend aantal opslaglocaties voor het ontwikkelen van:

  • methoden voor beoordelen van de uitgangssituatie
  • nieuwe hulpmiddelen voor monitoren van CO2-opslag, met inbegrip van het putgedrag
  • nieuwe hulpmiddelen voor voorspellen en modelleren van het opslaggedrag en de risico's op de lange termijn
  • een veelomvattende methodologie voor risicobeoordeling voor verschillende locaties en tijdschalen
  • richtlijnen voor het ontwikkelen van "best practices" voor industrie, beleidsmakers en toezichthouders.

Dit alles zal resulteren in een uitgebreide serie monitorings-data zoals time-lapse seismische gegevens, micro-zwaartekrachtstudies, data m.b.t. vloeistofbemonstering in de boorput, tracers, bodemgasmetingen. In het project zullen reeds ontwikkelde methoden voor voorspellen van koolwaterstofproductie en veiligheid van opgeslagen CO2 worden gebruikt en geoptimaliseerd. Hierbij zullen deze methodologieën worden gecombineerd in een risicobeoordeling voor alle fasen van opslag.

Wereldwijde consensus

Gelijktijdig zullen monitoringshulpmiddelen met elkaar en met bekende aanbevelingen worden vergeleken. Het is de bedoeling dat CO2 migratie in de ondergrond, maar ook in de biosfeer en de atmosfeer kunnen worden gemonitord op betrouwbare wijze. Door systematische integratie van de reultaten van het onderzoek zal de basis worden gelegd voor richtlijnen voor "best practices". De resulterende aanbevelingen zullen een belangrijke stap vormen naar wereldwijde consensus aangaande voorwaarden voor vergunningverlening en certificatie van opslaglocaties in verschillende geologische omstandigheden.. Hulpmiddelen zullen worden geleverd voor het kwantificeren en monitoren van geïnjecteerd CO2 zoals vereist voor geologisch opgeslagen CO2 om in aanmerking te komen voor emissiehandel-kredieten.
De resultaten zullen tenslotte beschikbaar komen voor de burger en de beleidsmaker.

Downloads

Wij gebruiken anonieme cookies om het gebruik van onze site te verbeteren.