“In ontwikkelingslanden kan TNO nog veel meer het verschil maken”

Mathilde Miedema is programma manager Innovation for Development. Het Flying Food-project in Kenia en Oeganda is een van haar paradepaardjes. Krekel-eiwit heeft de toekomst.

“Vier miljard mensen leven onder de armoedegrens, vooral in ontwikkelingslanden. Bij TNO zet ik innovatieprojecten op die dit deel van de wereldbevolking ten goede komt. Dat doen we samen met lokale en Nederlandse bedrijven, NGO’s en overheden. Het idee achter ‘inclusive business’ is dat je met technische en sociale innovaties maatschappelijke vraagstukken kunt oplossen, zoals schaarste aan goede voeding, schoon drinkwater en energie, en wel zo dat het businessmodellen oplevert waarmee lokale ondernemers de economie een impuls kunnen geven. Zo werken we aan meer gelijkheid in de wereld!”

Krekels voor consumptie

“Een mooi voorbeeld is Flying Food. In dit project starten boeren in Kenia en Oeganda met het kweken van krekels voor consumptie. Krekels zijn een duurzame bron van eiwitten en daarmee een goed alternatief voor vlees, eieren en andere schaarse, dure voedingsmiddelen. Voorheen vingen ze sprinkhanen gedurende drie maanden per jaar in het wild. Nu hebben ze een gecontroleerde toevoer het hele jaar door. We werken hier met veel partners uit Nederland en Africa. Met onze kennis zetten we een hele waardeketen op, van kweek tot krekel-eiwitpoeder, om mee te bakken bijvoorbeeld. De samenwerking met onze lokale partners levert ook weer kennis op waar Nederlandse krekelproducenten profijt van hebben, bijvoorbeeld over wat je zoal van krekels kunt maken en hoe je die producten aan de man brengt. In bepaalde regio’s in Afrika zijn sprinkhanen en andere insecten altijd al een delicatesse geweest.”

26 internationale projecten

“Inmiddels lopen binnen TNO 26 Innovation for Development-projecten. Ik houd me vooral bezig met nieuwe marktvragen, het zoeken naar innovatieve oplossingen, het vormen van partnerschappen, het definiëren van projecten met toegevoegde waarde van TNO en het organiseren van financiering. Zodra een project vaste vorm begint te krijgen, trek ik me terug en nemen collega’s van TNO’ers het over.”

Onderkant van de samenleving

Ik ben fysiotherapeut en heb Bewegingswetenschappen gestudeerd. Tussendoor heb ik een jaar op Java gewoond en gewerkt. Daar heb ik in een weeshuis waar veel gehandicapte kinderen woonden, een revalidatieafdeling opgezet. Als je voor de onderkant van de samenleving werkt, komen ook andere problemen op je pad waarvoor je graag een oplossing zou willen bieden. Dat was toen een drijfveer en ook nu nog. Na een stage bij TNO ben ik gebleven en doorgegroeid van junior onderzoeker naar senior accountmanager. Ik wilde meer. Omdat ik uit ervaring wist hoeveel verschil je met technische en sociale innovatie kunt maken in ontwikkelingslanden, heb ik een plan geschreven hoe TNO marktgericht kan bijdragen aan armoedebestrijding. De Raad van Bestuur was enthousiast en ik mocht aan de slag. In de ontwikkelingssamenwerking willen we van aid naar trade. Hierin is nog een wereld te winnen voor het Nederlandse bedrijfsleven. Daar wil ik me de komende tijd nog meer voor inzetten.”

Wij gebruiken anonieme cookies om het gebruik van onze site te verbeteren.