nieuws

Beïnvloeden aardbevingen het grondwater in Groningen?

14 okt 2016

Van natuurlijke aardbevingen is bekend dat ze een groot effect kunnen hebben op het grondwaterpeil. Wij hebben gekeken of dit ook geldt voor de aardbevingen die de laatste jaren zijn opgetreden in Groningen als gevolg van gaswinning. We hebben ons hierbij gericht op de tot nu toe zwaarst waargenomen beving, die op 16 augustus 2012 bij Huizinge optrad en een magnitude van 3,6 had.

Overal in Nederland bevindt zich grondwater, waarvan het peil in belangrijke mate wordt bepaald door neerslag en verdamping. Grondwaterpeilen (‘stijghoogten’) worden gemeten in peilbuizen met filters in verschillende zandlagen. In het figuur van de ondergrond, dat representatief is voor de situatie in Groningen, is te zien dat het ondiepste zoete (‘freatische’) grondwater wordt gescheiden van het diepere, zoute grondwater door slechtdoorlatende klei- en veenlagen. Onder dergelijke lagen kan zich een waterdruk opbouwen, waardoor het diepere grondwater omhoog wil stromen (‘spanningswater’).

We hebben uit onze database DINO de meetreeksen van 13 peilfilters in 7 putten in de buurt van Huizinge opgehaald. Het freatische peilfilter A, op een afstand van 9 km van het epicentrum, laat de grootste variatie in grondwaterpeil zien. Deze variatie wordt echter grotendeels veroorzaakt door de hoeveelheid neerslag, die eveneens geplot is. Direct na de beving is geen respons zichtbaar. Ook zijn gegevens van nabijgelegen diepere peilfilters onderzocht, omdat verdere lokale metingen van het ondiepe grondwater ontbreken. Peilfilters B en C, op diepten van circa -10 en -47 m NAP, laten geen effect van de beving zien. Daarnaast zie je dat de invloed van de neerslag veel minder aanwezig is dan in het freatische peilfilter A. Bovengenoemde gegevens zijn te bekijken onder ‘Downloads’.

Om het ontbreken van een reactie van het grondwater op aardbevingen te verifiëren zijn nog twee andere aardbevingen onderzocht, in de buurt van een locatie waarvoor we over goede grondwatermeetgegevens beschikken. Bij Garrelsweer en Hoeksmeer vonden op respectievelijk 2 juli 2013 en 24 oktober 2003 bevingen plaats met een magnitude van 3,0. Op respectievelijk 0,6 en 1 km afstand ligt peilfilter B07E0030-001 op een diepte van circa -13 m NAP. Ook in deze meetreeks is geen invloed van de aardbevingen op het grondwater te zien.

Theoretisch kunnen aardbevingen met magnitudes zoals we die in Groningen zien leiden tot een lichte verhoging van de waterdruk gedurende enkele seconden. Dit is met reguliere grondwatermonitoring overigens niet waarneembaar. Op de langere tijdschaal van jaren is er uiteraard wel degelijk een relatie tussen gaswinning en grondwater. De Groninger aardbevingen zijn namelijk een bijeffect van de bodemdaling die daar door gaswinning wordt veroorzaakt, en bodemdaling betekent relatieve grondwaterstijging. Hierop is door de waterbeheerders al geanticipeerd.

Roadmap

Geologische Dienst Nederland: voor duurzaam beheer en gebruik van de ondergrond

Om veilig tunnels te kunnen graven, grote gebouwen neer te zetten, te boren naar olie en gas of ondergronds CO2 op te slaan, moet je precies weten wat er in de bodem zit. De Geologische Dienst Nederland... Lees verder
Nieuws

Dr. ir. Willem Jan Zaadnoordijk

Contact

Dr. ir. Willem Jan Zaadnoordijk

E-mail

Mediavragen?

Wij gebruiken anonieme cookies om het gebruik van onze site te verbeteren.