nieuws

Klimaat- en Energieverkenning 2019 brengt broeikasgasemissies richting 2030 in kaart

01 nov 2019

TNO levert bijdrage aan eerste KEV.
Nederland stoot steeds minder broeikasgassen uit en die daling zet zich in de toekomst onverminderd voort. Het doel uit de Klimaatwet voor de reductie van broeikasgasemissies in 2030 is hiermee nog niet binnen bereik. Dat blijkt uit de Klimaat- en Energieverkenning (KEV) 2019, die het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) deze week publiceert, samen met een aanvullende analyse van het Klimaatakkoord. ECN part of TNO heeft, als een van de consortiumpartners, een bijdrage geleverd aan beide publicaties.

HET GROTE DOEL IS 49% MINDER BROEKASGASEMISSIES IN 2030

ER MOET NOG VEEL GEBEUREN OM DAT TE HALEN

Download KEV 2019

De KEV 2019 is tot stand gekomen in een samenwerking tussen het PBL, CBS, ECN part of TNO, RIVM, ondersteund door rvo.nl. Deze verkenning geeft – als opvolger van de Nationale Energieverkenning (NEV) 2017 - een jaarlijks geactualiseerd beeld van de Nederlandse energiehuishouding en uitstoot van broeikasgassen tot en met 2030. De KEV brengt de voortgang in beeld van de verschillende doelen uit het Energieakkoord (zoals het aandeel hernieuwbare energie en energiebesparing) én de doelen voor broeikasgasreductie tussen 2020 en 2030.

De belangrijkste aandachtspunten

Deze KEV 2019 heeft twee hoofdboodschappen. Ten eerste leert de verkenning dat in 2018 15% reductie van broeikasgasemissies is gerealiseerd vergeleken met 1990; dit betekent, met oog op het kabinetsdoel van 49% reductie in 2030, dat Nederland de komende tien jaar twee keer zo veel reductie moet realiseren dan in de afgelopen dertig jaar bij elkaar. De tweede hoofdboodschap is dat het uitvoeren van de gemaakte afspraken in de praktijk moeilijk is; Nederland legde de lat hoog en is ver gekomen, maar de nationale 2020-doelen voor broeikasgasreductie, besparing en hernieuwbare energie zijn (naar verwachting) niet haalbaar.

Verder brengen de partners in KEV 2019 enkele substantiële ontwikkelingen in de Nederlandse energietransitie voor het voetlicht en voorzien ze (inclusief raming) een spectaculaire toename in het aandeel hernieuwbaar opgewekte elektriciteit: tot tweederde deel van de totale Nederlandse elektriciteitsproductie in 2030.

Wat heeft ECN part of TNO bijgedragen?

ECN part of TNO heeft de ontwikkeling van het energiegebruik richting 2030 in kaart gebracht voor de gebouwde omgeving, industrie en glastuinbouw; onze bevindingen en ramingen voor de toekomst zijn beschreven in hoofdstuk 5 van de KEV 2019. Deze sectoren nemen een belangrijk deel van de broeikasgasemissies voor hun rekening. Verder hebben onze experts – in het licht van substantiële energietransitie - de ontwikkeling van aardgaswinning in kaart gebracht en bijgedragen aan het beeld over de toename van hernieuwbare energie.

Waarom een aanvullende analyse?

In deze verkenning is het Klimaatakkoord van 28 juni 2019 niet meegenomen, omdat dit akkoord voltooid is ná de start van de KEV-analyses per 1 mei. Daarom heeft het PBL, parallel aan en voortbouwend op deze KEV, een aanvullende notitie gemaakt over de verwachte effecten van het Klimaatakkoord op de broeikasgasreductie in 2030. De analyse geeft ook aandachtspunten voor de verdere uitwerking van het klimaat- en energiebeleid. ECN part of TNO heeft ook bijgedragen aan deze analyse.

ECN part of TNO onderschrijft de hoofdconclusies in zowel de KEV als de aanvullende analyse van het Klimaatakkoord en benadrukt graag hoe waardevol de samenwerking is tussen alle genoemde instituten. Lees hier het volledige persbericht namens alle partners.

VOLG TNO OP SOCIAL MEDIA

blijf op de hoogte van ons laatste nieuws, vacatures en activiteiten

Op TNO.nl maken we gebruik van cookies. De daarin opgeslagen informatie kan bij een volgend bezoek weer naar onze servers teruggestuurd  worden.