blik op de toekomst

Help, mijn WiFi doet het niet, wat nu?

5 december 2017 • 4 min leestijd

Het gebeurt maar al te vaak: je wilt thuis internetten, maar de verbinding is traag of valt zelfs helemaal weg. De oorzaak is vaak de WiFi van de buren die je eigen WiFi-signaal verstoort, met name in dichtbebouwde binnensteden. In 2012 voorspelde de Universiteit van Twente al dat dit een groot probleem zou gaan worden in de toekomst. Die toekomst is nu aangebroken en TNO werkt aan een oplossing. Die ligt niet in dure apparatuur, maar in verbeterde software.

Figuur: flatgebouw*

TNO’er Jan de Nijs heeft thuis te kampen met storingen, interferenties in vaktaal, door de WiFi van de buren. Hij legt uit wat er misgaat: “Moderne modems hebben een ingebouwd WiFi-accesspoint dat de verbinding met je telefoon, tablet of laptop tot stand brengt. Daarvoor zijn een beperkt aantal kanalen beschikbaar. Als alle kanalen bezet zijn door de WiFi van de buren, kan je eigen accesspoint geen vrij kanaal meer vinden. En zelfs als de kanalen nog niet continu bezet zijn, hebben accesspoints vaak moeite om te allen tijde het meest optimale kanaal te vinden.”

Het huis van De Nijs is gebouwd in 1927 en heeft stenen muren, die de signalen van accesspoints van de buren makkelijk doorlaten: “De verbinding wordt vaak traag en kan zelfs wegvallen. Op dezelfde manier hebben de buren ook last van mijn WiFi-signaal. Vooral als je midden in een oud appartementencomplex woont is het ronduit hinderlijk.”

Bestaande oplossingen verplaatsen het probleem alleen maar

Klanten die bij hun internetprovider klagen over slechte WiFi, krijgen meestal het advies om een repeater of extra accesspoint aan te schaffen. Die repeater versterkt het WiFi-signaal op de plekken waar de storing van de buren het grootst is. Dat helpt, maar niet als de buren ook repeaters kopen. Dan neemt het aantal signalen in de omgeving juist snel toe en daarmee ook de verstoringen.

“Een repeater helpt, maar niet als de buren ook repeaters kopen. Dan neemt het aantal signalen in de omgeving juist snel toe en daarmee ook de verstoringen”

De bestaande oplossingen voldoen dus niet en kunnen in gebouwen de problemen zelfs verergeren. Uit schattingen van het Agentschap Telecom van het ministerie van Economische Zaken blijkt dat in stadscentra een kwart van de locaties ermee te kampen heeft. Datzelfde geldt voor een kwart van de rijtjeshuizen en de helft van de flatwoningen.

Zelf oplossen lukt haast niemand

De oplossing ligt volgens TNO juist in het gebruik van zo min mogelijk accesspoints en repeaters, in combinatie met het slim en gecoördineerd kiezen van de juiste instellingen. “Maar lang niet iedereen is daar handig genoeg voor”, zegt De Nijs. De internetprovider daarmee opzadelen is niet eenvoudig: “Formeel is een bewoner zelf verantwoordelijk voor het internet in zijn woning. Maar in de praktijk kunnen weinig mensen hun WiFi-problemen zelf oplossen.” Dat leidt tot ergernis bij particulieren, omzetverlies bij kleine ondernemers en extra werk voor de helpdesks van internetproviders. De Nijs: “Providers zijn dan misschien niet verantwoordelijk voor problemen in de woning van hun klanten, maar ze krijgen die wel op hun bord en ze bieden ook hulp. In feite nemen ze dan toch de verantwoordelijkheid voor de hele verbinding, ook in de woning zelf.”

Europese aanpak

Niet alleen Nederland kent deze internetproblemen, ze spelen overal in Europa. De EU onderkende dat en subsidieert het Horizon 2020 Wi-5 project, dat mede door TNO is opgezet. De Nijs: “Samen met andere Europese kennisinstituten en bedrijven werken we aan oplossingen. Die ligt niet in dure hardware, maar in betaalbare software.” Wi-5 ontwikkelde software die de kanaalkeuze van de accesspoints in de omgeving en de handovers tussen accesspoints van een consument coördineert en optimaliseert. De Nijs: “Zo worden de kanalen en accesspoints optimaal gebruikt, krijgt iedere gebruiker zijn rechtmatige deel van de capaciteit en zit in ieder geval niemand meer zonder internet.”

“Door de ontwikkelde software kunnen de kanalen en accesspoints optimaal worden gebruikt en krijgt iedere gebruiker zijn rechtmatige deel van de capaciteit”

Voor de kanaalkeuze is wel samenwerking tussen de verschillende providers noodzakelijk: “Voorlopig zijn alleen zij in staat om met onze software de instellingen van de accesspoints gezamenlijk te optimaliseren. Accesspoints die de klant zelf heeft gekocht en geïnstalleerd, kunnen ook van de Wi-5 software worden voorzien zodat de provider ook daarvan de instellingen kan optimaliseren. Natuurlijk kun je klanten niet dwingen om die nieuwe software te installeren en het beheer van de accesspoints vervolgens voor een deel over te dragen aan de provider. Deelname is vrijwillig, maar het onderzoek laat zien dat wie meedoet daadwerkelijk een betere WiFi-verbinding krijgt.”

De operators zijn aan zet

Een complicatie is dat samenwerking tussen de commerciële providers niet mag botsen met de mededingingsregelgeving. De Nijs: “Maar dat moet lukken, want samenwerken is toegestaan als de consument er voordeel bij heeft. Dat is hier duidelijk het geval.”

Al met al is Wi-5 een gecompliceerd project, ook al omdat de software alle typen en merken apparatuur moet aansturen. Maar het is haalbaar, en intensieve tests bewijzen dat. De nieuwe software kan binnen een jaar worden overgedragen aan het bedrijfsleven, zegt De Nijs: “Wi-5 werkt met een open source-model. Iedereen kan dus aan de ontwikkeling van de software bijdragen, en dat gebeurt al. Onder andere door operators die veel accesspoints beheren en de WiFi-problemen van hun klanten willen verhelpen. De software van Wi-5 kan daardoor binnen afzienbare tijd worden ingezet en, omdat er geen nieuwe apparatuur nodig is, blijven de kosten beperkt.”

“Deelname is vrijwillig, maar het onderzoek laat zien dat wie meedoet daadwerkelijk een betere WiFi-verbinding krijgt”

*Het figuur toont een schematisch flatgebouw met 4 woonlagen met elk 5 appartementen. Elk appartement heeft een WiFi-accesspoint weergegeven met het WiFi-icoontje, bv ingebouwd in het modem van de Internet service provider. De kleur geeft de bitrate weer die de klant netto krijgt, variërend van geen verbinding (rood), via traag (oranje) tot zeer snel (groen). In de huidige technologie kiest elk WiFi-accesspoint zelfstandig het frequentiekanaal waarop het gaat zenden en ontvangen. Er is daarbij geen sprake van coördinatie, met als gevolg dat de accesspoints elkaar storen. In de praktijk leidt dit tot zeer grote bitrate-verschillen bij de klant zoals weergegeven in linker figuur. In de Wi-5-oplossing wordt elk accesspoint van nieuwe software voorzien waarmee het mogelijk wordt om samen te werken. Onder andere worden met een WiFi-controller de kanaalkeuze en het zendvermogen continu geoptimaliseerd. Dit vergroot de totale capaciteit maar het leidt ook tot een veel eerlijkere verdeling van de snelheid.

blik op de toekomst

Help, mijn WiFi doet het niet, wat nu?

5 dec '17 - 4 min
Het gebeurt maar al te vaak: je wilt thuis internetten, maar de verbinding is traag of valt zelfs helemaal weg. De oorzaak is vaak de WiFi van de buren die je eigen... Lees meer
innovatie

Kruisbestuiving tussen complexe systemen

15 dec '17 - 3 min
Hoe zorg je dat hightechsystemen die steeds complexer worden en steeds vaker met elkaar moeten samenwerken, altijd en veilig de juiste beslissingen nemen? Onderzoek... Lees meer

VOLG TNO OP SOCIAL MEDIA

blijf op de hoogte van ons laatste nieuws, vacatures en activiteiten

Wij gebruiken anonieme cookies om het gebruik van onze site te verbeteren. Ons privacystatement is aangepast aan de nieuwe privacywetgeving in de EU.