Eerste vergelijkende studie modellen voor stikstofdepositie verdiept kennis voor beleidsvorming

Thema:
Systeemoplossingen, omgeving en milieu
6 maart 2026

Een eerste grootschalige vergelijking van drie Nederlandse stikstofmodellen (OPS, LOTOS-EUROS, EMEP4NL) en twee internationale systemen (MATCH, SILAM) biedt een niet eerder gepubliceerd gedetailleerd beeld van de betrouwbaarheid, verschillen en onzekerheden in modellering van stikstofdepositie in Nederland.

Door die bredere vergelijking in het rapport National Scale Modelling of Nitrogen Deposition in the Netherlands – Benchmark of Policy Support Models (NKS), komen overeenkomsten en verschillen tussen modellen scherper in beeld dan in eerdere studies en biedt daarmee een verdieping in de kennis over stikstofdepositie. Dit is belangrijk voor monitoring en beleidsvorming.

Combinatie van modellen verbetert betrouwbaarheid

Door de verschillende rekenmodellen te combineren in een zogenoemd ensemble bleek de uitkomst van dat ensemblegemiddelde vaak betrouwbaarder dan individuele modellen: minder extreme waarden, beter passend bij metingen. Deze bevindingen zijn consistent met eerder TNO-onderzoek naar modelensembles in luchtkwaliteit en stikstof (zie tno.nl/stikstof).

Modellen zijn onderling consistent, spreiding kleiner dan vaak gedacht

Het modelleren van stikstofdepositie op nationale schaal is complex. Het bestuderen van de spreiding tussen resultaten van verschillende modellen is een elegante manier om de robuustheid van modeluitkomsten te beoordelen. De deelnemende modellen geven hetzelfde beeld op hoofdlijnen: de belangrijkste bronnen, de belangrijkste regio’s en de trends zijn robuust. De spreiding tussen modellen bij gelijke emissies is landelijk gemiddeld 10–15%. Dat is aanzienlijk lager dan een eerdere schatting van de totale onzekerheid van 30–35% op basis van vergelijking met metingen.

De grootste spreiding zien de onderzoekers bij droge ammoniakdepositie (NH₃), goed voor bijna de helft van de totale depositie. Landelijk is daar een spreiding van 30% tussen de modellen en op de Veluwe en andere emissie-intensieve regio’s tot 50% spreiding. Dit komt door verschillen in de aannames over de uitwisseling op landbouwgronden, de droge depositiebeschrijving, en de modelaanpak als geheel.

‘Duinengat’

De modellen tonen dezelfde landelijke trends. Vier van de vijf modellen laten hetzelfde beeld zien met een overschatting van ammoniakconcentraties (gemeten in natuurgebieden) in het oosten van het land, en een onderschatting in de kustprovincies. Dit fenomeen staat ook wel bekend als het duinengat, en is dus niet specifiek voor OPS maar generiek voor de stand der modellering. De vergelijking heeft geleid tot de formulering van drie ontwikkelrichtingen die in samenhang aangepakt moeten worden om deze systematische verschillen te verkleinen.

Transparante omgang met de spreiding tussen modellen is volgens de onderzoekers essentieel voor bestuurlijke en beleidsmatige robuustheid. De uitkomsten van de drie Nederlandse modellen laten zien dat meer dan de helft (variërend van 53% tot 66%) van de gemiddelde stikstofdepositie afkomstig is van binnenlandse bronnen. Daarbij berekent OPS kortere transportafstanden, waardoor binnenlandse bronnen meer bijdragen. LOTOS-EUROS en EMEP4NL berekenen dat Nederland meer buitenlandse depositie ontvangt en meer exporteert.

Dit leidt tot een lagere inschatting van de effectiviteit van nationale maatregelen en een relatief grotere impact van maatregelen in het buitenland dan aan de hand van OPS. Naast nationaal beleid is het dus belangrijk ook in internationaal verband op te trekken om emissies ammoniak en stikstofoxiden te verkleinen.

ENS-INT2NL_2019_fluxall_N_EN

tno_martijn_schaap_edv2952_500x500

“Deze benchmark brengt voor het eerst relevante stikstofmodellen samen en toont dat ze in grote lijnen dezelfde werkelijkheid beschrijven. Juist het duiden van de verschillen helpen ons te verbeteren en maken het stikstofbeleid wetenschappelijk sterker.”

Martijn Schaap

Principal Scientist Air Quality, TNO

Aanbevelingen voor beleid en modelleringspraktijk

Het rapport adviseert op basis van de analyse en conclusies

  • in 2028 de benchmark en gecombineerde vergelijking van de modellen te herhalen met data over 2025, als nieuwe standaard voor kwaliteitsborging;
  • om in te zetten op het efficiënt meten van droge depositie op natuurlijke en agrarische ecosystemen met het oogpunt de procesbeschrijving van de droge depositie te verbeteren
  • de modellering van ammoniakuitwisseling met landbouwbodems te verfijnen;
  • de regionale en seizoensvariatie in ammoniakemissies beter te beschrijven. Deze oplossingsrichting is belegd in het recent gestarte ARTEMIS project.

Maatschappelijke en politieke context

De resultaten zijn relevant voor actuele discussies en beleidsontwikkelingen over de grootschalige depositiekaarten (GDN), modelonzekerheden, de haalbaarheid van stikstofdoelen en de onderbouwing van nationaal en regionaal beleid, en de verdeling binnenlands vs. buitenlands aandeel (kritisch voor maatregelenpakketten).

“Door modellen op nationale schaal te vergelijken ontstaat een eerlijk beeld van hun onzekerheid. Dat is onmisbaar bij beleidsbeslissingen.” - Sam van Goethem, Research Manager Air Quality & Emissions (TNO).

Download het rapport

National Scale Modelling of Nitrogen Deposition in the Netherlands – Benchmark of Policy Support Models (NKS).

De benchmark is uitgevoerd in het SAGEN-project binnen het Nationaal Kennisprogramma Stikstof (NKS), in samenwerking met RIVM, FMI (Finland) en SMHI (Zweden). Het rapport omvat 161 pagina’s en biedt uitgebreide technische bijlagen, modeldocumentatie en samenvattingsprompts voor LLM-gebruik.

Laat je verder inspireren

98 resultaten, getoond 1 t/m 5

Slimmere combinatie isoleren en warmtepompen versnelt verduurzaming corporatiewoningen

Informatietype:
Nieuws
4 maart 2026
Met het huidige renovatietempo wordt het voor woningcorporaties lastig om in 2050 een volledig gas- en CO₂ vrije sociale woningvoorraad te realiseren.

TNO-onderzoek: steeds meer Nederlanders verwarmen met airco

Informatietype:
Nieuws
25 februari 2026

Decentrale ontwikkelingen bieden groot potentieel voor lagere netinvesteringen

Informatietype:
Insight
5 februari 2026

TNO-kennis vormt basis voor woonlasten neutrale verduurzaming bij ABN AMRO-proef

Informatietype:
Insight
22 januari 2026

Netcongestie

Informatietype:
Artikel