Ons werk

Webinar Duurzaamheid geothermie in warmtenetten

Op donderdag 17 december organiseerde TNO samen met Stichting Platform Geothermie (SPG) een webinar over de duurzaamheid van geothermie in warmtenetten. TNO heeft, op initiatief van, en in samenwerking met, de deelnemers van SPG een studie gedaan naar de CO2-emissie van een geothermiebron en van een nieuw warmtenet met een geothermiebron.

Tijdens dit webinar behandelen we de vragen:

  • Hoe duurzaam is een geothermiebron nu en in de toekomst?
  • Hoe duurzaam is een warmtenet met een geothermiebron?
  • Wat zijn de uitdagingen voor de sector?

We kijken naar de berekeningen van de duurzaamheid van de bron en naar de duurzaamheid van een warmtenet dat wordt gevoed met een geothermiebron.

We maken een korte uitstap naar de vervolgstappen die nodig zijn om een geothermiebron in de toekomst zo duurzaam mogelijk in een warmtenet te ontwikkelen samen met andere bronnen.

Webinar terugkijken

PROGRAMMA EN SPREKERS

  • Introductie door Frank Schoof (Stichting Platform Geothermie) & Maurice Hanegraaf (TNO)
  • Toelichting rapport door Hester Dijkstra (TNO)
  • Blik op duurzaamheid van de bron en de omgang met bijvangst door Wart van Zonneveld (Floricultura)
  • Blik op duurzaamheid van een warmtenet met geothermie door Roald van Arkesteijn (Eneco)
  • Toekomstvisie: Wat hebben we nodig als sector om de toekomst duurzaam aan te gaan? door Herman Exalto (EBN)

Meer informatie

Lees meer over de whitepaper Duurzaamheid geothermie in warmtenetten

Meer lezen

Kijkersvragen

1. Wat is de samenstelling van het geproduceerd gas en verschilt het sterk van veld tot veld?

Het geproduceerde gas bestaat voor het overgrote deel uit methaan en CO2. De samenstelling varieert van 50-80% methaan en dus 50-20% CO2.

2. Blijft de bijvangst over de jaren gelijk?

Het is mogelijk dat er op lange termijn minder gas geproduceerd wordt, omdat de bron uitgeput raakt, net zoals in een gasveld. Of en wanneer dit plaatsvindt is echter onbekend.

3. Is er ook gekeken naar de uitstoot om het warmtenet aan te leggen?

Nee er is geen volledige levenscyclus-analyse van de warmtenetten gedaan. De berekeningen laten operationele emissies zien.

4. Is de emissiereductie door geothermiepompen over de tijd alleen te wijten aan de verduurzaming van de stroom? Of ook aan de betere prestaties van de pompen (hogere COP)?

In de berekeningen is de emissiereductie door de pompen over de tijd inderdaad alleen te wijten aan de verduurzaming van de elektriciteitsmix. Een verbetering van de COP van de pompen is niet meegenomen.

5. Waar is de aanname van afnemend warmteverlies op gebaseerd?

In Denemarken bestaan enkele warmtenetwerken met warmteverliezen van 10%. Dat de warmteverliezen daar zo laag kunnen zijn heeft te maken met een gunstige combinatie van de capaciteit van het warmtenet en de lineaire warmtedichtheid (warmte per meter pijplengte). Ook factoren als de aanvoertemperatuur van het net, de warmteafname per individuele klant en de compactheid van het net spelen een rol. Het is de verwachting dat innovaties op dit gebied en optimalisatie in temperatuurniveau, leidingsystemen en lay-out van netstructuren ook in Nederland zullen gaan zorgen voor optimaliseren van de efficiëntie van het warmtenet. In de scenario's is daarom rekening gehouden met een reductie van het warmteverlies van 25% in 2020 naar 10% in 20XX (het jaar waarin de elektriciteit honderd procent CO2-vrij is).

6. Is de bijvangst inbegrepen in het bijstoken van aardgas, of wordt het beschouwd als een afzonderlijke extra emissie?

Voor het berekenen van de CO2-emissie van de bijvangst is deze emissie gedeeld door de totaal geproduceerde energie, dit betreft de warmte uit de geothermiebron én de warmte door verbranding van het formatiegas/bijvangst. De emissie van de bijstook (pieklast met aardgas) is daarna afzonderlijk berekend, omdat deze emissie los staat van de geothermie emissie en ook een ander deel van de warmtevraag vervult.

7. Moeten we niet een verkeerd beeld scheppen door de rol van piekvermogen aardgas te koppelen aan geothermie?

De benodigde hoeveelheid aardgas varieert nogal van net tot net en is vaak lager dan 20%.

Het is belangrijk om de emissies van geothermie in combinatie met een warmtenet te zien, aangezien een losse geothermiebron zonder warmtenet geen cv-ketel vervangt en hierdoor geen goed beeld geeft van de werkelijke emissie per geleverde eenheid warmte. De aanname van 20% pieklast/bijstook is gedaan op basis van een nieuw warmtenet van 70-40C. Er bestaan inderdaad ook warmtenetten waarin dit meer of minder is. Omdat er geen 'standaard' warmtenet bestaat hebben we een aanname moeten doen. Om meer inzicht te krijgen in de emissie van verschillende typen warmtenetten verwijzen we graag naar de rekentool.

8. Jullie noemen met name het gebruik van een geothermiebron, als bron voor het warmtenetwerk. Hoe zien jullie het gebruik van een geothermiebron industrieën met hoge energievraag?

De meeste huidige geothermiebronnen liggen op een diepte van ongeveer 2-3 km, met een productietemperatuur rond de 80-90 graden. Om aan industrie te leveren is meer energie en zijn er hogere temperaturen nodig. Om hogere temperaturen te produceren van > 100C zullen diepere geothermieputten nodig zijn (Ultra diepe geothermie, UDG).

9. Met welke COP is gerekend?

Voor de bronpompen zijn er COP's gebruikt die berekend zijn op basis van data van bestaande geothermiedoubletten. Voor het Perm gemiddeld 16, voor het Jura/Krijt gemiddeld 24. De COP aanname voor de warmtepomp is 5. Hoe de COP is bepaald staat ook in detail uitgelegd in de technische notitie.

OVER DE SPREKERS

FRANK SCHOOF

Frank is ruim 5 jaar voorzitter van Stichting Platform Geothermie en zet zich in voor de bevordering van de veilige en verantwoorde toepassing van geothermie in Nederland. Met bijna 100 deelnemers zijn onder meer operators, warmtebedrijven, adviesbureaus, kennisinstellingen, provincies en gemeentes, boorbedrijven, financiële instellingen en gebruikers van aardwarmte aangesloten. Hij modereert het webinar.

HESTER DIJKSTRA       

Hester is als geoloog werkzaam bij de afdeling Energietransitie van TNO. Hier werkt ze onder andere aan het onderwerp aardwarmte. Met haar masterscriptie heeft ze kennis opgedaan over de Verbetering van de prestaties van geothermische systemen; Optimalisatie van de injectietemperatuur en de invloed van CO2-ontgassing op een geothermisch doublet. Zij is een van de schrijvers van het rapport.

MAURICE HANEGRAAF            

Maurice is business director geo-energy bij TNO en vanuit deze rol betrokken als lid van de werkgroep gebouwde omgeving van SPG. Hij heeft ruime ervaring met wetenschappelijk onderzoek op het vlak van geothermie. Hij is een van de schrijvers van het rapport.

WART VAN ZONNEVELD 

Wart is verantwoordelijk voor het duurzaamheidsbeleid bij Floricultura, een marktleider in uitgangsmateriaal van verschillende soorten orchideeën en bestuurslid van SPG. Zij maken sinds 2015 gebruik van geothermie.

ROALD ARKESTEIJN               

Roald is werkzaam als project engineer bij Eneco en houdt zich bezig met de warmtetransitie, optimalisatie van warmtebronnen en warmtenetten. 

HERMAN EXALTO                 

Herman is programma manager geo-energie bij EBN. Hij heeft uitgebreide ervaring in de warmtesector waar hij onder andere werkzaam is geweest bij Ennatuurlijk en Eneco. Hierdoor kent hij de sector vanuit het perspectief van de bron geothermie en het perspectief van de warmtenetten.

Ons werk

Duidelijkheid over duurzaamheid geothermie

Geothermie wordt gezien als een van de schoonste en goedkopere bronnen van duurzame warmte. Daarom gaat geothermie een substantiële rol spelen in de energietransitie, met name om woningen en gebouwen... Lees verder
Contact

Hester Dijkstra

  • Applied Geosciences

VOLG TNO OP SOCIAL MEDIA

blijf op de hoogte van ons laatste nieuws, vacatures en activiteiten

Op TNO.nl maken we gebruik van cookies. De daarin opgeslagen informatie kan bij een volgend bezoek weer naar onze servers teruggestuurd  worden.