
Zo houden we de vernieuwing van onze infrastructuur beheersbaar en betaalbaar
Om Nederland veilig, leefbaar en bereikbaar te houden, is het noodzakelijk om de komende decennia verouderde infrastructuur te vervangen en renoveren. Om deze forse opgave beheersbaar en betaalbaar te houden, is een programmatische aanpak op basis van data, inspecties en doorrekeningen essentieel. TNO werkt al decennialang samen met beheerders om de opgave in kaart te brengen en beheersbaar te houden.
De staat van infrastructuur in Nederland
Het Rijk, 12 provincies, 342 gemeenten en 21 waterschappen beheren gezamenlijk 141.000 km aan wegen, 5.700 km vaarweg, 7.000 km spoor en tienduizenden civiele constructies met een totale waarde van 347 miljard euro. Veel van deze infrastructuur dateert uit de jaren 50 en 60 en heeft een theoretische levensduur van zo’n 60 tot 80 jaar. Dat betekent dat veel van dit soort bruggen, viaducten, sluizen, stuwen en gemalen op korte termijn aan vervanging toe zijn.
Temeer doordat het netwerk veel intensiever wordt belast dan waarvoor het oorspronkelijk ontworpen is. Er is meer verkeer en voertuigen zijn zwaarder. Ook wordt infrastructuur vaker blootgesteld aan extreme weersomstandigheden als gevolg van klimaatverandering. Daar komt bij dat de Nederlandse infrastructuur zeer kritisch is, waardoor de kleinste verstoringen direct grote gevolgen hebben. Naarmate de levensduur van objecten terugloopt, neemt het risico op storingen en incidenten steeds verder toe.
“We staan voor de grootste onderhoudsopgave ooit en het kost de grootste moeite om daarmee op schema te blijven. De steeds hogere eisen die aan onze waterwerken en infrastructuur gesteld worden en de toenemende schaarste aan mensen en middelen stellen ons voor steeds grotere uitdagingen." - Martin Wijnen, Directeur-generaal Rijkswaterstaat
De huidige staat van onze infrastructuur geeft nu al een zorgwekkend beeld. Rijkswaterstaat heeft nu al meer objecten met een verhoogd inspectieregime en versneld onderhoud vanwege verhoogde veiligheidsrisico’s.
Martin Wijnen, Directeur-generaal Rijkswaterstaat: “We staan voor de grootste onderhoudsopgave ooit en het kost de grootste moeite om daarmee op schema te blijven. De steeds hogere eisen die aan onze waterwerken en infrastructuur gesteld worden en de toenemende schaarste aan mensen en middelen stellen ons voor steeds grotere uitdagingen. In die complexe wereld van tegenstellingen is het essentieel de juiste prioriteiten te stellen.”
Omdat het aantal oudere kunstwerken is toegenomen, ziet Rijkswaterstaat: de beheers- en onderhoudskosten oplopen, een ontwikkeling waar de budgetten voor nieuwbouw, beheer en onderhoud niet op zijn berekend.
Vernieuwingsopgave forse kostenpost
Om nauwkeurig de omvang van de vernieuwingsopgave te kunnen vaststellen, publiceert TNO in opdracht van de Rijksoverheid, het Interprovinciaal Overleg (IPO) en Vereniging Nederlandse Gemeenten in 2023 het Landelijk Prognoserapport.
Het rapport laat zien dat als we alle kunstwerken tijdig willen vervangen, de jaarlijkse kosten fors zullen stijgen: van 1,1 miljard euro in 2021 naar 2,4 miljard per jaar in de periode 2021–2030 en verder naar 2,9 miljard in de jaren 2031–2040. Vanaf 2040 bedragen de jaarlijkse vernieuwingskosten zelfs meer dan 3 miljard euro, met een piek van 3,7 miljard euro rond 2080. De totale kosten van de vernieuwingsopgave tot 2100 komen daarmee uit op zo’n 260 miljard euro.
Daarnaast vraagt deze opgave al in dit decennium om meer dan een verdubbeling van de uitvoeringscapaciteit. We zijn daarmee in een nieuw normaal beland dat vraagt om een aanzienlijke productiviteitsverhoging en slimmere oplossingen.

Podcast: Innovatie in Infra
Hoe krijgen we een helder beeld van de vervangings- en vernieuwingsopgave? Hoe bewegen we van een datumgedreven aanpak, vervangen omdat iets ‘op leeftijd’ is, naar een datagedreven aanpak, waarin actuele informatie en slimme inzichten leidend zijn? En wat vraagt dat van asset managers, bestuurders en beleidsmakers In de podcastserie Innovatie in Infra gaan onder andere Peter Rasker (TNO) en Harry Michels (Provincie Noord-Holland) in gesprek.
InfraScan helpt bij onderbouwen renovatiekeuzes
Experts van TNO werken al meer dan dertig jaar samen met overheden en andere kennisinstellingen aan het borgen van de veiligheid van kunstwerken als bruggen, viaducten, sluizen en waterkeringen. Zo heeft TNO met Rijkswaterstaat richtlijnen opgesteld voor veroudering en vervanging van kunstwerken. En door het ontwikkelen van toonaangevende methodes, modellen en toetsingscriteria voor zowel nieuwe als bestaande kunstwerken, krijgen beheerders handelingsperspectief in het prioriteren van de opgave.
Om assetmanagers te helpen bij het onderbouwen van hun renovatiekeuzes, ontwikkelde TNO samen met Rijkswaterstaat bijvoorbeeld de InfraScan. Dick Schaafsma, Strategisch Adviseur Bruggen en Viaducten bij Rijkswaterstaat: “Dankzij normen en modellen is duidelijk wat we op kortere termijn moeten renoveren of vervangen en waarmee we kunnen wachten. Met die voorspelbaarheid in de vernieuwingsopgave is Rijkswaterstaat enorm geholpen, mede omdat er steeds minder menskracht is én omdat de hausse er nog aankomt.”
Manifest: Investeren in onze infrastructuur is geen keuze, maar een noodzaak
Circa 260 miljard euro, dat zijn de totale kosten van de vernieuwingsopgave tot 2100. Alleen al in de periode 2021-2023 stijgen de kosten voor vernieuwing van 1,1 miljard euro in 2021 naar 2,4 miljard per jaar in 2030. Uitstel betekent een grote maatschappelijke impact: meer files door wegwerkzaamheden, verminderde bereikbaarheid en hoge transportkosten voor het bedrijfsleven.
1. Investeer structureel in inzicht en programmering om de technische staat van infrastructuur tijdig in beeld te krijgen en dure noodmaatregelen te voorkomen.
2. Versnel de uitvoering door een programmatische, industriële aanpak, met cluster- en portfoliobenaderingen die schaal, standaardisatie en efficiency mogelijk maken.
3. Stel investeringen in de infrastructuur niet uit; voorkom kosten en overlast.
Opgave vraagt om regelruimte
Zonder proactieve planning en een zorgvuldig onderbouwde prioritering komen beheerders voor gedwongen keuzes te staan. Dat betekent in de praktijk dat vaak eerst dure noodmaatregelen nodig zijn, gevolgd door alsnog ingrijpende renovatie of vervanging. Kosten worden hierdoor juist naar voren gehaald in plaats van slim gespreid over een langere periode. Door tijdig objecten te identificeren die langer meegaan dan hun theoretische technische levensduur suggereert, ontstaat regelruimte om capaciteit en kosten te spreiden.
Peter Rasker, Marktdirecteur Mobility & Built Environment TNO: “Door gerichter te onderzoeken ontdekken we regelmatig dat bruggen en viaducten technisch nog tientallen jaren veilig mee kunnen. Elk extra levensjaar dat je veilig toevoegt, vergroot de maakbaarheid van de totale vernieuwingsopgave.”

"Door gerichter te onderzoeken ontdekken we regelmatig dat bruggen en viaducten technisch nog tientallen jaren veilig mee kunnen. Elk extra levensjaar dat je veilig toevoegt, vergroot de maakbaarheid van de totale vernieuwingsopgave."
Kans op industriële opschaling
Met deze programmatische aanpak van versterken, renoveren en vervangen ontstaat de kans om de opgave industrieel op te schalen. Een portfolio- en clusterbenadering, gericht op vergelijkbare typen kunstwerken, maakt het mogelijk om objecten batchgewijs en modulair te vernieuwen. Dit zorgt voor een continue bouwstroom waarop marktpartijen hun processen kunnen standaardiseren en verbeteren. Door over projecten te leren, wordt er kostenefficiënter gewerkt met optimale benutting van de beperkte capaciteit.
Peter Rasker: “De vernieuwingsopgave is onontkoombaar. Tijdig investeren in inzicht, programmering en uitvoering maken deze opgave beheersbaar, op lange termijn betaalbaar, en maatschappelijk effectiever.”
In 5 stappen naar beheersbare vernieuwingsopgave infrastructuur
TNO werkt intensief met Rijkswaterstaat samen om de vernieuwingsopgave op landelijk niveau goed in beeld te krijgen. Lokale overheden, met name kleinere gemeenten, zijn hier doorgaans minder ver mee. Terwijl gemeenten meer dan 80% van alle civiele constructies beheren. De specifieke kennis die nodig is voor dit soort forse ingrepen is vaak beperkt, net als de capaciteit. Daarom heeft TNO een 5-stappen-aanpak ontwikkeld die de vernieuwingsopgave voor provincies, gemeentes en waterschappen beter beheersbaar en betaalbaar maken.
De eerste stap is daarom het gezamenlijk in kaart brengen van het volledige areaal, samen met omliggende gemeenten, provincies, waterschappen en andere beheerders.
Levensduurverlenging vraagt wel om een professionelere aanpak dan standaard inspecties.
Zonder scherpe keuzes ontstaat een kostenpiek die organisatorisch en financieel niet te dragen is. In deze stap ontwikkelen assetmanagers meerjarige scenario’s, waarin keuzes expliciet worden gemaakt. Veiligheid blijft leidend, maar is niet de enige factor.
Als een brug, viaduct of kademuur daadwerkelijk moet worden aangepakt, zijn er verschillende mogelijkheden om dit zo efficiënt mogelijk aan te pakken. De schaal van de renovatie en vervangingsopgave overstijgt traditionele werkwijzen. Waar vroeger maatwerk de norm was, is repeteerbaarheid nu de sleutel tot succes.
De laatste stap richt zich op kennisdeling en opschaling. Wanneer elke gemeente eigen standaarden hanteert, blijft versnelling uit. TNO helpt bij het inventariseren van de verschillende methodes, het bepalen van veilige standaarden. Hoe ga je informatie met elkaar delen, Welke afspraken maak je met elkaar? Waar zit uiteindelijk de business case voor bedrijven?
Neem contact met ons op
Laat je verder inspireren
Innovatie in Infra


In 5 stappen naar beheersbare vernieuwingsopgave infrastructuur


Oude sluizen vertellen nieuwe verhalen


InfraScan: snel onderbouwde beslissingen over onderhoud en renovatie



