
Textielafval omzetten in nieuwe chemische bouwstenen
73 procent van al het textielafval in Europa wordt verbrand of gestort. Niet omdat het onbruikbaar is, maar omdat er tot nu toe geen recyclingtechnologie is die kan omgaan met de rommelige realiteit van gemengd textielafval: T-shirts met elastaan, jeans met metalen knopen, werkkleding met brandvertragende middelen. Nieuw TNO onderzoek verandert dat dankzij kennis uit jaren onderzoek naar plastic afval, nu toegepast op textiel.
Een vrijdagmiddagexperiment met textielafval
Het is een vrijdagmiddag in oktober. In het TNO laboratorium beginnen Surika van Wyk en Carlos Mourao Vilela, beiden scientist innovators bij TNO, aan een experiment waar ze al een tijd over nadenken: wat kunnen we halen uit een berg textielafval die normaal wordt verbrand?
Het testmateriaal was geen schoon laboratoriummonster, maar een zak echt textielafval van een afvalsorteerder: T-shirts, werkkleding, een oude spijkerbroek. Materiaal dat anderen waardeloos vinden, maar precies waar het team naar op zoek was.
“We hadden een idee van wat we zouden krijgen op basis van de algemene samenstelling”, legt Surika uit. “Maar je wordt altijd verrast door de interacties tussen verschillende vezels en chemicaliën.” Wat volgde bevestigde hun hypothese en werkte beter dan verwacht: er ontstond een veelzijdige productmix, van synthesegas voor methanolproductie tot benzeen dat gebruikt kan worden voor nieuwe polyester. Technologie met potentieel voor aanzienlijke industriële impact.
Waarom het meeste textiel nog steeds wordt verbrand
De textielindustrie is beperkt in haar recyclingmogelijkheden. Huidige methoden vereisen schone, eenzijdige materiaalstromen. Maar echt post-consumer textielafval bevat 15 of meer vezeltypes, plus kleurstoffen, brandvertragers, knopen en ritsen. In Nederland wordt jaarlijks 215.000 ton textiel weggegooid, ongeveer 12 kg per persoon. Meer dan 50% daarvan belandt in de restafvalbak en wordt vervolgens verbrand.
Ondertussen worden de regels strenger. De herziene EUrichtlijn afvalbeheer verplicht uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (EPR) voor textiel vanaf 2028. De druk om oplossingen te vinden neemt dus toe.
Benieuwd naar de wetenschappelijke basis achter onze aanpak voor gemengd textielafval?
Lees de paper over hoe thermochemische valorisatie nieuwe circulaire routes mogelijk maakt voor moeilijk te recyclen materialen.
Hoe thermochemische recycling werkt
Het principe van thermochemische recycling: door textielafval te verhitten zonder zuurstof breken de polymeerketens af in kleinere moleculen. De temperatuur bepaalt welke producten er ontstaan.
1. Versnipperen: textielafval wordt versnipperd
2. Invoeren: materiaal gaat een fluid bed-reactor in met hete zanddeeltjes (700--850°C)
3. Krakken: polymeren breken binnen seconden af tot gassen
4. Reinigen: verontreinigingen worden in de gasfase afgevangen
5. Scheiding: producten worden gescheiden: synthesegas, olefinen, aromaten, methaan
Lees meer over thermochemische recycling.
Bij lagere temperaturen (tot 750°C) levert het proces meer olefinen en aromaten op. Bij hogere temperaturen (boven 800°C) wordt synthesegas het dominante product. Hierdoor kunnen operators de output afstemmen op de marktvraag.
Traditionele vergassing (>1000°C) breekt alles af tot alleen CO en waterstof. TNO's lagere temperaturen vangen moleculen eerder af, waardoor ze waardevoller zijn en minder nabewerking vereisen.
Het proces vereist geen gesorteerde input. Kleurstoffen en brandvertragers komen in de gasfase terecht voor verdere behandeling. Knopen en ritsen belanden in de asfractie.
De snelle route naar waardevolle chemicaliën
Traditionele vergassing zet alles om in synthesegas, koolmonoxide en waterstof. Deze basiscomponenten vereisen vervolgens uitgebreide verwerking om weer nuttige moleculen op te bouwen. Het thermochemische recyclingproces van TNO kiest een andere route. Door te werken op tussentemperaturen (700-850°C) vangt de technologie waardevolle chemicaliën af voordat ze volledig afbreken.
Het resultaat is een veelzijdige mix van chemische bouwstenen: synthesegas voor methanol en brandstoffen, aromaten zoals benzeen voor nieuwe polyester, en olefinen die de basis vormen voor de meeste kunststoffen. Het proces produceert wel wat CO₂, voornamelijk uit de polyesterfractie, maar veel minder dan volledige verbranding. En cruciaal: de waardevolle koolstof wordt behouden in plaats van verloren te gaan.
Een belangrijke mijlpaal werd bereikt toen het team een halve liter algemene aromaten wist terug te winnen, waarvan 70% benzeen, uit een meerurenproef met echt textielafval. Naast wetenschap vroeg dit ook om praktische oplossingen. “We zijn gewend kleine, mooie pellets te maken die makkelijk onze reactor ingaan”, herinnert Carlos zich. “Textielafval is pluizig, het blokkeert de schroefdosering. We moesten eerst praktische uitdagingen oplossen. Maar zodra dat gelukt was, bewezen we dat het principe werkt.”
In plaats van betalen voor afval, het kunnen verkopen
De technologie creëert nieuwe mogelijkheden in het hele textielecosysteem. Voor sorteerders kan wat zij nu betalen om te laten verbranden, juist inkomsten opleveren. Momenteel betalen sorteerders ongeveer €0,28 per kilo voor verbranding, en het scheiden van de verschillende fracties kost bovendien veel arbeid.
Voor merken die te maken krijgen met EPR verplichtingen biedt dit een geloofwaardige circulaire oplossing. Voor chemische producenten biedt textielafval een alternatieve koolstofbron, nu de regelgeving rond fossiele grondstoffen strenger wordt.

“De verontreinigingen gaan in de gasfase, waar we ze kunnen filteren en afvangen, in plaats van ze in de atmosfeer uit te stoten.”
Medisch textiel en militaire uniformen
Er zijn ook gespecialiseerde toepassingen waarbij verbranding momenteel de enige optie is. Medisch textiel moet om biosafety redenen worden vernietigd. Militaire uniformen worden versnipperd om veiligheidsredenen. Werkkleding bevat PFAS, wat risico's oplevert bij verbranding.
Voor deze sectoren biedt TNO een alternatief dat ook milieuvriendelijker is. “De verontreinigingen gaan in de gasfase, waar we ze kunnen filteren en afvangen”, legt Surika uit. “In plaats van ze in de atmosfeer uit te stoten.”
Van afvalsorter naar grondstoffenleverancier
Carlos ziet parallellen met de discussies over plasticafval in 2018. Merken zullen na moeten denken over circulariteit, maar er zullen altijd afvalfracties blijven die anders niet verwerkt kunnen worden. “Dáár voegen wij waarde toe”, zegt hij. “Voor materiaal dat anders geen bestemming heeft, creëren wij nieuwe mogelijkheden.”
TNO heeft het principe op labschaal bewezen. De volgende stap is commerciële partners vinden om op demonstratieschaal op te schalen. Het ideale eindplaatje? Surika verwoordt het simpel: “Sorteerders worden grondstoffenleveranciers. Geen verbranding meer nodig.”
Ook samenwerken met TNO aan textielrecycling?
De EPR-verplichting versnelt de ontwikkelingen in het veld: in 2030 moet 75% van het textiel worden hergebruikt of gerecycled. Met de ambitie van de Nederlandse overheid om in 2050 100% circulair textiel te bereiken, kan onze technologie een aanzienlijke bijdrage leveren.
Voortbouwend op onze ervaring met plastics en biomassa werken we verder vanuit een sterke basis. Een biomassaproject op demonstratieschaal is al gestart.
- Voor sorteerders: TNO kan materiaal karakteriseren en valorisatieroutes bepalen.
- Voor technologiepartners: samenwerken om demonstratieschaal te bereiken.
- Voor merken: circulaire oplossingen verkennen voor ook de moeilijke fracties van het product.
Van biomassa naar plastics naar textiel
De aanpak van TNO bouwt voort op jarenlange ervaring. Het team ontwikkelde thermochemische technologie eerst voor biomassa en paste het vanaf 2018 toe op plastic afval. In 2023 zagen ze de volgende kans: textiel.
“Qua samenstelling zit textiel ergens tussen biomassa en plastics”, zegt Carlos. “We wisten al hoe we heterogene grondstoffen moesten verwerken. De vraag was: kunnen we dat toepassen op textielafval?”
Het antwoord vereiste werken met echt afval, niet met geïdealiseerde labmengsels. TNO verkreeg 400 kilo post-consumer textielafval van Nederlandse sorteerders, precies het materiaal dat anders verbrand zou worden.
Lees meer over textiel en duurzaamheid
Wat als je polyester sportshirt gemaakt zou kunnen worden van hernieuwbare materialen in plaats van fossiele grondstoffen? TNO heeft een 3-stappenplan ontwikkeld om merkeigenaren te helpen het beste duurzame alternatief te vinden. De aanpak vergelijkt biogebaseerde polymeren, dropinvervangers en CO₂gebaseerde plastics op duurzaamheidseffect en economische haalbaarheid. Een datagedreven methode om weloverwogen materiaalkeuzes te maken.
Lees meer over het 3-stappenplan.
Textiel is de op drie na grootste bron van microplastics in Nederland en stoot jaarlijks ongeveer 100 ton uit. Synthetische kleding verliest kleine plasticdeeltjes tijdens het dragen, wassen en drogen. Deze deeltjes komen terecht in lucht, water en voedsel. TNO heeft een meetmethode ontwikkeld om microplasticvezels uit kleding te detecteren en oplossingen te testen om emissies te verminderen.
Lees meer over de grootste bron van microplastics.
Oplosmiddelgebaseerde recycling vormt een cruciale eerste stap in de keten, doordat het kleurstoffen, coatings, PVCgerelateerde additieven, brandvertragers en andere storende componenten verwijdert. De grootste meerwaarde is dat het schonere grondstoffen oplevert, waardoor hoogwaardige verwerking van polymeren, zoals mechanische recycling en polyesterdepolymerisatie, mogelijk wordt.
Door hardnekkige obstakels zoals kleurstofvervuiling weg te nemen, wordt hergebruik van PET uit gemengd textielafval ineens wél haalbaar. Het maakt bovendien vroege terugwinning van waardevolle componenten mogelijk, waardoor alleen de meest complexe reststromen door middel van thermochemische recycling hoeven worden verwerkt.
Lees meer over oplosmiddelgebaseerde recycling.
Neem contact met ons op
Laat je verder inspireren
Een objectieve standaard om de kwaliteit van gerecycled plastic te beoordelen


Minder microplastics en meer rendement in plastic recycling


Rapport: Drop-in oplossingen als versneller van biobased chemie


Nieuwe routes voor sortering en composietscheiding


Circulaire economie



