Zonne-energie van de toekomst: schoner, circulair en Europees

Thema:
Energievoorziening
25 juni 2026

De volgende generatie zonnepanelen is niet alleen efficiënter, maar ook schoner, circulair en minder afhankelijk van grondstoffen buiten Europa. Voor de strategische positie van Europa zijn dat geen bijzaken. Het zijn randvoorwaarden.

Zonne-energie is de ruggengraat van de Nederlandse energietransitie. Elk jaar komen er honderdduizenden panelen bij, op daken van woningen, bedrijven en in grote veldopstellingen. Tegelijkertijd bereikt de eerste generatie panelen het einde van haar technische levensduur.

Die ontwikkeling stelt de sector voor een bredere opgave dan alleen opschaling. Het gaat niet alleen om méér zonnepanelen, maar om betere zonnepanelen: panelen die minder afhankelijk zijn van schaarse grondstoffen, hoogwaardig te recyclen zijn en aansluiten op de eisen die Europa stelt aan een toekomstbestendige energievoorziening. Want de materiaal- en ontwerpkeuzes van vandaag bepalen niet alleen de milieuprestatie van panelen, maar ook hun verwerkbaarheid, restwaarde en gevoeligheid voor veranderende regelgeving.

Daarmee raken duurzaamheid, economische houdbaarheid en strategische autonomie direct aan elkaar. Veel panelen die vandaag nog als standaard in de markt gelden, zijn in essentie lineair ontworpen: lastig hoogwaardig te recyclen, afhankelijk van grondstoffen en productieketens buiten Europa, en niet zonder toekomstig regelgevingsrisico. Juist daar groeit de spanning tussen de snelle uitrol van zonne-energie en de randvoorwaarden die nodig zijn om die groei op langere termijn houdbaar te maken.

Hoe haal je het meeste uit de panelen die er al liggen? En hoe zorg je dat nieuwe panelen vanaf dag één beter aansluiten op wat de energietransitie nodig heeft: schoon, circulair, economisch houdbaar en minder afhankelijk van ketens buiten Europa? Om die vragen te beantwoorden werkt TNO samen met partners op twee sporen.

Solarge fabriek

Twee sporen, één doel: een circulaire zonnesector

Het eerste spoor richt zich op de bestaande vloot: miljoenen panelen die ooit worden vervangen en waaruit waardevolle grondstoffen teruggewonnen moeten worden. Grondstoffen die anders verloren gaan, opnieuw geïmporteerd moeten worden, of als afval eindigen.

Het tweede spoor kijkt vooruit: hoe ontwerp je zonnepanelen zo dat ze bij aanvang al voldoen aan de eisen van morgen, vrij zijn van schadelijke stoffen, recyclebaar by design, en geproduceerd in Europa?

Beide sporen zijn onlosmakelijk verbonden. Recyclingtechnologie is noodzakelijk voor de bestaande vloot, maar voorkomen dat toekomstige panelen dezelfde problemen met zich meebrengen is de meest duurzame stap. Op beide fronten boekt TNO met haar partners concrete resultaten.

Spoor 1: waarde terugwinnen uit wat er al ligt

Zonnepanelen zijn vanuit het ontwerp zo sterk dat ze decennia lang mee gaan, maar dat is ook hun zwakte als het op recycling aankomt. Glas, zonnecellen en beschermende lagen zijn met krachtige lijmen aan elkaar gebonden. Huidige recyclingmethoden zijn daarom veelal grof: vermalen of verhitten en vervolgens verwerking in bouwmaterialen voor bijvoorbeeld wegdek of bruggen. Daarmee gaan waardevolle materialen verloren. Alternatieve recyclingmethoden waarbij getracht wordt wel materialen terug te winnen kosten veelal buitensporig veel energie.

De economische logica is helder: in 2024 werd al circa 24 procent van het wereldwijd gedolven zilver verwerkt in zonnepanelen. Sindsdien is het zilvergebruik per paneel wel afgenomen maar vormt nog steeds een aanzienlijke aandeel van het wereldwijde zilvergebruik vanwege de groei in productie. Als deze grondstof massaal als afval verdwijnt, blijft er onnodig veel economische waarde liggen.

Zilver, maar ook het silicium waarvan de zonnecellen zelf gemaakt worden, zijn bovendien schaarse grondstoffen. Het terugwinnen ervan is daarom essentieel, vooral omdat de vraag wereldwijd sterk toeneemt. Door de groei van zonne-energie én andere toepassingen staat de beschikbaarheid onder druk. Juist daarom is het cruciaal om deze grondstoffen zo goed mogelijk in de kringloop te houden.

TNO ontwikkelde daarom een fundamenteel andere aanpak voor recycling: een lasertechnologie die gericht de hechting tussen de verschillende lagen in het zonnepaneel verbreekt zonder de onderliggende materialen te beschadigen. Met een verwacht terugwinningspercentage van 99 procent voor zilver, bij een fractie van het energieverbruik van bestaande methoden, verandert recycling van een kostenpost in een economisch aantrekkelijke grondstoffenbron.

mirjam theelen tno

"Tegen 2030 verwachten we in Europa een aanzienlijke golf afgedankte zonnepanelen. Dat is geen afvalprobleem, het is een grondstoffenkans."

Mirjam Theelen

onderzoeksleider TNO

Waarom de materiaalkeuze van vandaag telt

Wat zit er eigenlijk in de gangbare panelen die nu op de meeste Nederlandse daken liggen? Het antwoord heeft zowel economische als strategische implicaties, en het is minder comfortabel dan de sector doorgaans erkent.

Naast het genoemde zilver en silicium bestaat een typisch zonnepaneel uit glas, een aluminium frame en kunststoffen(verpakking). Het aluminium frame is vrij eenvoudig te hergebruiken en dit wordt al op brede schaal toegepast. Voor het glas en kunststof ligt dat anders.

De overgrote meerderheid van die panelen is gemaakt met glas afkomstig uit China. Dat glas, goed voor zo'n 70 procent van het gewicht van een paneel, bevat antimoon: een toxisch zwaar metaal dat wordt toegevoegd aan vloeibaar glas om luchtbellen te verwijderen en een transparante en heldere glasmassa te verkrijgen. Dit verfijningsproces is essentieel voor de kwaliteit van dit speciale glas dat voor zonnepanelen wordt gebruikt, maar het maakt het eindproduct tegelijk problematisch.

Antimoon is schadelijk voor mens en milieu, staat geclassificeerd als kritieke grondstof waarvan de winning sterk geconcentreerd is buiten Europa. Hierdoor is het een uitdaging om het glas aan het einde van de levensduur grootschalig hoogwaardig te recyclen en eindigt het in de praktijk vaak in laagwaardigere toepassingen, bijvoorbeeld in de bouw als vul-, isolatie of funderingsmateriaal. Een deel van de materiaalwaarde gaat daarmee onvermijdelijk verloren. Elk paneel bevat gemiddeld tientallen grammen antimoon.

Naast antimoon speelt PFAS een rol in de discussie over duurzame zonnepanelen. PFAS, bekend als 'forever chemicals' omdat ze vrijwel niet afbreken in het milieu, worden gebruikt in de beschermende kunststoflagen van zonnepanelen. Welke lagen dat zijn hangt af van de paneelconstructie.

Binnen de EU loopt al sinds 2023 een REACH-restrictieproces gericht op een verbod op PFAS in zonnepanelen, een proces dat zijn eindfase nadert. Voor partijen die nu investeren in PFAS-houdende panelen is dat een regelgevingsrisico met directe financiële consequenties.

De materiaalkeuze bij het ontwerp bepaalt dus direct hoe goed een paneel te recyclen valt, welke regelgevingsrisico's het draagt en hoe groot de afhankelijkheid van externe grondstofketens is. Dat zijn geen technische details. Het zijn economische en strategische keuzes.

Spoor 2: een volgende generatie die van meet af aan beter is

Terwijl TNO werkt aan betere recycling van de huidige geïnstalleerde zonnepanelen, loopt parallel de ontwikkeling van een nieuwe generatie panelen die deze problemen bij de bron aanpakt. “Circulair by design”, vanaf de eerste productiedag. Dit spoor kent twee niveaus: wat vandaag al beschikbaar is, en wat er op korte termijn aankomt.

Een sprekend voorbeeld van hoe dit nu al beschikbaar is komt van Solarge, een Nederlandse producent met een fabriek in het Limburgse Weert, brengt al lichtgewicht zonnepanelen op de markt die volledig vrij zijn van PFAS en antimoon, en loopt daarmee voor op aankomende Europese regelgeving. De panelen zijn opgebouwd uit kunststof in plaats van glas, wat ze ongeveer de helft lichter maakt dan conventionele panelen.

Daardoor zijn ze geschikt voor daken die de last van traditionele panelen niet aankunnen, een categorie die naar schatting een vergelijkbaar oppervlak vertegenwoordigt als alle tot nu toe geplaatste zonnepanelen in Nederland samen.

De panelen zijn volledig circulair ontworpen: terugwinning van materialen levert aan het einde van de levensduur opbrengsten in plaats van kosten. Solarge biedt afnemers een terugnamewaarborg, circulariteit als bedrijfsmodel en niet als marketingclaim.

Solarge zonnepanelen

Bewijs uit de praktijk: resultaten op volledige schaal

Dat de lasertechnologie werkt, is aangetoond op volledige schaal. In het kader van het CVER-project (Circulaire Verwerking van Zonnepanelen) paste TNO de lasertechnologie toe op complete modules van Solarge, lichtgewicht zonnepanelen gemaakt van kunststof, volledig vrij van PFAS en antimoon. In dit project wordt ook samengewerkt met een andere partner uit de keten, recyclingbedrijf MIREC.

De resultaten laten zien dat circulair ontwerp en hoogwaardige recycling elkaar versterken. Bij het demonteren van de Solarge-modules met de lasertechnologie werd het volgende bereikt:

Het PFAS-vrije kunststof backsheet (polypropyleen met glasvezels) kon zonder problemen worden vrijgemaakt, hergebruikt en opnieuw worden gelamineerd, een directe demonstratie van een gesloten materiaalkringloop.

De polymeren frontsheet kon eenvoudig van de module worden verwijderd na laseren en milde opwarming, zonder beschadiging van de onderliggende lagen.

Meer dan 99 procent van het wafermateriaal werd teruggewonnen, met een zuiverheid van meer dan 99,9 procent.

Hoewel Solarge-panelen door hun ontwerp al uitzonderlijk zilverarm zijn, wat op zichzelf al een duurzaamheidsvoordeel is, werd in eerste testen al 93 procent van het aanwezige zilver teruggewonnen met een zuiverheid van meer dan 96 procent.

Panelen die slim zijn ontworpen zijn ook slimmer te recyclen. De resultaten bewijzen dat de dubbele logica werkt: betere materialen bij aanvang betekent betere opbrengsten aan het einde van de levensduur, en daarmee lagere totale systeemkosten over de hele levenscyclus.

De volgende stap: perovskiet als Nederlandse wereldprimeur

De volgende stap is zonnepanelen gemaakt niet van silicium maar van perovskiet.
TNO ziet dat er wereldwijd veel partijen inzetten op een nieuwe zonnecel technologie: perovskiet zonneceltechnologie, vaak opgebouwd op glas.

In tegenstelling tot veel andere partijen kiest TNO bewust voor roll-to-roll technologie met flexibele folies, gebruikmakend van de kennis en ervaring in het Nederlandse ecosysteem. Toepassingen van het eindproduct liggen zowel in lichtgewicht maatwerkfolies die zonnestroom genereren als in de lichtgewicht circulaire zonnepaneeltechnologie met polymeren zoals Solarge dat doet.

TNO en Solarge ontwikkelden samen al een prototype perovskiet-zonnepaneel in een unieke polymeer constructie, een Nederlandse wereldprimeur die de twee innovatieve technologieën combineert. De lichtabsorberende laag is geproduceerd via TNO's roll-to-roll productieproces voor perovskiet, waarbij zonnecellen als het ware op een lopende band worden vervaardigd, vergelijkbaar met het drukken van een krant. Solarge levert de kennis voor de kunststof constructie rondom die cellen, dezelfde benadering als bij hun bestaande panelen: licht, circulair en vrij van glas.

Een extra uitdaging hierbij, waaraan door verschillende partijen gewerkt wordt samen met o.a. TNO, is ook deze kunststof constructie PFAS vrij te houden. Momenteel is er veel onderzoek gaande naar de effectiviteit van deze lagen rekening houdend met kosten, verkrijgbaarheid en certificeerbaarheid. Het prototype toont al aan dat de combinatie van de technologieën in principe geschikt is voor de stap naar meerlaagse perovskiet-zonnecellen, met naar verwachting een CO2-uitstoot van minder dan 10 gram per kilowattuur, een fractie van conventionele zonnepanelen.

Solarge en TNO werken aan plannen om de technologie zo snel mogelijk tot een volwassen product door te ontwikkelen, met steun vanuit het Groeifondsproject SolarNL.

Gerard de leede

"Daarmee wordt Nederland qua duurzaamheid leidend in de wereld, en op termijn zijn ook prijsdoorbraken mogelijk."

Gerard de Leede

CTO Solarge

Een Europese zonneketen: minder afhankelijk, meer weerbaar

Een duurzame energieketen, waarin we zelfvoorzienend hernieuwbare energie produceren, maakt Nederland en Europa weerbaar in economische, klimaat technische en politieke zin. Wie zonne-energie wil inzetten als fundament van de energietransitie, moet ook nadenken over de keten achter die panelen. Europa is momenteel sterk afhankelijk van componenten uit China, van glas tot zeldzame grondstoffen. Die afhankelijkheid maakt de energietransitie structureel kwetsbaar: voor prijsschommelingen, voor geopolitieke spanning en voor leveringsrisico's.

De innovaties die TNO en haar industriepartners ontwikkelen, bieden tegenwicht op elk van die fronten. Perovskiet-technologie kan lokaal worden geproduceerd met materialen die grotendeels in Europa beschikbaar zijn. Lichtgewicht kunststof modules reduceren de afhankelijkheid van Chinees glas. Circulaire materiaal- en designkeuzes maken de panelen toekomstbestendig. Geavanceerde recyclingtechnologie houdt waardevolle grondstoffen in de Europese keten. En een groeiende Europese maakindustrie rondom nieuwe PV-technologieën vergroot de strategische keuzevrijheid van beleidsmakers en industrieën.

Strategische autonomie in energie is geen ideologisch standpunt. Het is een economische randvoorwaarde. Wie controle houdt over de keten, houdt ook controle over de kosten en de continuïteit van de energievoorziening.

Conclusie: betere panelen zijn een randvoorwaarde, geen luxe

De energietransitie slaagt alleen als deze ook economisch houdbaar is en strategisch solide. Dat vraagt meer dan alleen het plaatsen van meer zonnepanelen. Het vraagt om panelen die de grondstoffenketen ontlasten in plaats van belasten, die recyclebaar zijn zonder verlies van waarde, en die Europa minder afhankelijk maken van ketens buiten het continent.

TNO werkt op beide fronten: aan geavanceerde recyclingtechnologie die waardevolle grondstoffen terugwint uit bestaande panelen, en aan een nieuwe generatie die deze problemen bij de bron aanpakt. Van circulaire kunststof panelen die vandaag al op Nederlandse daken liggen tot perovskiet-zonnecellen die op een lopende band worden geproduceerd, van maatwerkzonnefolie tot gesloten materiaalkringlopen: de technologie om de zonnesector toekomstbestendig te maken is in ontwikkeling, en deels al beschikbaar.

De volgende generatie zonnepanelen is niet alleen efficiënter. Ze zijn schoner, circulair en strategisch verstandiger. En ze zijn dichterbij dan je denkt.

Laat je verder inspireren

126 resultaten, getoond 1 t/m 5

TNO’s lasertechnologie: gamechanger voor circulaire zonne-energie

Informatietype:
Insight
15 mei 2026
De eerste generatie zonnepanelen bereikt het einde van haar levensduur. Om te voorkomen dat schaarse grondstoffen verloren gaan zijn slimme oplossingen nodig.

Ontwikkeling betaalbare, hoogwaardige zonne‑energie voor toekomstige ruimtemissies

Informatietype:
Insight
29 april 2026

Zonnepanelen op voertuigen kunnen Europese netcongestie en energieverbruik fors verminderen

Informatietype:
Nieuws
15 april 2026

Zonnemobiliteit als systeemversneller

Informatietype:
Insight
15 april 2026

TNO ontwikkelt eerste perovskiet-zonnecellen dakpan

Informatietype:
Nieuws
2 april 2026