Ons beleid

Dieren hebben recht op optimale verzorging gedurende hun hele leven. TNO hanteert een formeel beleid voor het gebruik van proefdieren en het toepassen van de 3Vs om te garanderen dat dieren de best mogelijke behandeling krijgen. Dit beleid is onderdeel van het TNO Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen beleid en fungeert als een officiële richtlijn voor het TNO management en werknemers. Een stuurgroep evalueert dit beleid elk jaar opnieuw en rapporteert rechtstreeks aan het TNO Raad van Bestuur.

TNO erkent dat individuele dieren een intrinsieke waarde hebben. TNO beaamt tevens de visie dat bepaalde omstandigheden het gebruik van proefdieren rechtvaardigen. TNO realiseert zich tegelijkertijd dat door het uitvoeren van dierproeven, de onderzoeker en de TNO Raad van Bestuur verantwoordelijk zijn voor de ethische overwegingen en het dierenwelzijn.

Het TNO beleid voor dierproeven en alternatieven omvat tevens instructies voor gerelateerde onderwerpen zoals het trainen van personeel, onderwijs, faciliteiten, transparantie en verantwoordelijkheid. In november 2015 heeft TNO, in samenwerking met TNO Triskelion BV het dierproevenbeleid herzien vanwege de implementatie van de nieuwe Wet op de dierproeven. Klik hier om het beleid te downloaden.

Dierproeven zijn slechts geoorloofd wanneer een geschikt alternatief ontbreekt, waarbij het doel van het onderzoek zwaarder weegt dan het ongerief dat de dieren eventueel zouden kunnen ondervinden. Verfijning, vermindering en vervanging (3Vs) van dierproeven zijn de hoofdprincipes. TNO opereert binnen de grenzen van de relevante wetgeving en, waar van toepassing, overeenkomstig kwaliteitscriteria zoals Good Laboratory Practice (GLP). Al sinds 1985 evalueert een toegewijde, onafhankelijke dierexperimentencommissie alle testen waarbij dieren betrokken zijn*. De Instantie voor Dierenwelzijn van TNO waarborgt  samen met betrokken medewerkers een culture of care rondom proefdieren.

Ondanks het feit dat dierproeven op wetenschappelijk gebied en op het gebied van humane gezondheid en welzijn vooruitgang mogelijk hebben gemaakt, beseffen wij terdege dat de huidige proeven niet altijd betrouwbaar genoeg zijn om het effect in mensen nauwkeurig te voorspellen. Verbeteringen zijn mogelijk door de nieuwe innovatieve 3V methoden toe te passen. Deze gedachte is verankerd in ons beleid, onderzoeksprogramma's en communicatie.

AMBITIE

  • TNO wil bijdragen aan het terugdringen van het aantal proefdieren dat niet gebruikt wordt in een proef. Daarom hebben we een actief programma gericht op het fokken van minder overtollige dieren. Om dit doel te verwezenlijken onderzoekt TNO of het fokken van bepaalde transgene muizen gecentraliseerd kan worden. Daarvoor kan de fok uitbesteed worden aan een gecertificeerde en gespecialiseerde fokker. TNO is er zich van bewust dat dit een langzaam proces is. Desondanks blijft TNO er naar streven het percentage dieren dat niet gebruikt kan worden in een dierproef te reduceren.
  • TNO heeft de ambitie om het ongerief dat proefdieren ondervinden te reduceren en de duur van het ongerief te minimaliseren. Met name bij dierproeven ten behoeve van genezing van ernstige ziekten voert TNO haalbaarheidsstudies uit om de periode waarin proefdieren ongerief ondervinden tijdens de proeven te verkorten.
  • TNO's onderzoeksprogramma voor de 3Vs richt zich op drie gebieden: het testen van de veiligheid van chemicaliën, de werkzaamheid van potentiële medicijnen en de kinetiek van geneesmiddelen. Het is onze ambitie om niet alleen nieuwe innovatieve 3V methoden te ontwikkelen, maar tevens om sneller acceptatie te verkrijgen voor het toepassen van deze methoden. Daarom betrekken wij en werken wij samen met alle relevante partijen waaronder academici, wet en regelgevers, overheid en de industrie.
  • Voor TNO zijn transparantie en communicatie van essentieel belang. TNO verschaft heldere informatie over haar activiteiten en positie op het gebied van dierproeven om een dialoog op gang te brengen op basis van wederzijds respect. Deze dialoog wordt versterkt door het objectief uitwisselen van informatie - zonder het aantasten van de veiligheid van onderzoekers en proefdieren of de vertrouwelijkheid van de onderzoeksgegevens - en maximale transparantie. Hiertoe behoort ook het transparant en systematisch publiceren van dierproeven zoals recent vastgelegd in de ARRIVE-richtlijn en golden standard checklist. TNO medewerkers hebben de "Montréal Declaration on the Synthesis of Evidence to Advance the 3Rs Principles in Science" onderschreven en publicaties van TNO, gebaseerd op dierproeven, bevatten de volgens internationale richtlijnen essentiële informatie om herhaling van dierproeven te voorkomen en meta analyses mogelijk te maken.

Jaarverslagen

* Sinds eind 2014 de Wet op de Dierproeven is aangepast, brengt deze commissie haar advies uit aan de Centrale Commissie Dierproeven. Het jaarverslag van 2014 is daarmee het laatste  verslag dat de dierexperimentencommissie aan TNO heeft uitgebracht

Wij gebruiken anonieme cookies om het gebruik van onze site te verbeteren.