Verminderen en verfijnen van dierproeven door imaging

In biowetenschappelijk onderzoek streven wetenschappers er voortdurend naar om meer te leren over het menselijke lichaam en te bestuderen hoe een ziekte ons lichaam beïnvloedt. Hiertoe is het noodzakelijk om veranderingen over een bepaalde periode te monitoren. Imaging leent zich hier uitstekend voor.

Momenteel wordt imaging als een diagnostisch instrument gebruikt in ziekenhuizen. Echter, imaging is een gebied dat zich verder ontwikkelt en tevens ander gebruik mogelijk maakt. Bij TNO zijn wetenschappers bezig te onderzoeken hoe imaging dierproeven kan verfijnen en/of verminderen.

Voordelen

Imaging maakt het mogelijk om een dier herhaaldelijk te monitoren. Dit verhoogt de statistische kracht van een studie en kan het aantal benodigde proefdieren verminderen. Aangezien imaging het mogelijk maakt om proefdieren over een bepaalde periode te volgen, kunnen de effecten van een ziekte of een behandeling in verschillende stadia gevolgd worden. Een ander voordeel van imaging is dat het doorgaans minimaal invasief is. Dit vermindert stress en ongemak bij proefdieren, wat de werkelijke studieresultaten ten goede komt. Uitgebreider onderzoek is nog nodig om imaging toe te passen en de 3V voordelen te benutten die het met zich mee kan brengen. Hier volgt een voorbeeld van een imaging project bij TNO.

In vivo imaging kinetiek

Het doel van dit project is om PET-CT imaging te gebruiken om de activiteit van de drug transporters BCRP (Breast Cancer Resistance Protein) en P-gp (P-glycoproteïne) bij de bloed-hersen-barrière bij levende dieren te meten. Beide dragers spelen een belangrijke rol bij deze scheiding, waarbij ze de toegang van verschillende medicijnen tot de hersenen beperken. Hun functies en activiteiten kunnen beïnvloed worden door de geneesmiddelen en kunnen daarvoor gebruikt worden bij zogenaamde drug-drug interacties, waarbij de remming van dragers door het ene geneesmiddel de hersenpenetratie van een ander geneesmiddel verhoogt. Het is daarom zeer belangrijk om te onderzoeken of nieuwe geneesmiddelen de activiteit van BCRP en/of P-gp kunnen beïnvloeden bij de bloed-hersen-barrière.

Werkzaamheid van nieuwe geneesmiddelen

TNO heeft een brede portfolio van ziektemodellen met een focus op metabole aandoeningen (zoals cardiovasculaire aandoeningen en diabetes). Deze modellen zijn translationeel en lenen zich derhalve uitstekend voor het ontrafelen van mechanismen in ziekteprocessen en het evalueren van de werkzaamheid van geneesmiddelen en dieetveranderingen. Om de translationele waarde van het onderzoek te verhogen, verfijnt TNO voortdurend de diermodellen zelf en probeert tevens de manier waarop artsen een ziekte monitoren na te bootsen, bijvoorbeeld met behulp van imaging-instrumenten zoals MRI.

Wij gebruiken anonieme cookies om het gebruik van onze site te verbeteren.