Doelen van de dierproeven

Werkt een nieuw geneesmiddel? Zijn voedingsingrediënten schadelijk voor consumptie? Kan er veilig gewerkt worden met chemische stoffen? Verantwoord proefdiergebruik helpt ons in het vinden van antwoorden op deze gezondheidsvragen voor de mens. Daarnaast geven dierproeven inzicht in de preventie en/of de behandeling van ziektes en/of vergiftigingen. Dierproeven worden ingedeeld in internationaal gestandaardiseerde categorieën.

De dierproeven die binnen TNO worden uitgevoerd hebben als doel:

  • Fundamenteel wetenschappelijk onderzoek
  • Toegepast en translationeel onderzoek
  • Onderwijs

TNO voert het grootste deel van de dierproeven uit t.b.v. het testen van de werkzaamheid (effectiviteit) van geneesmiddelen of therapieën (96%). Het toegepaste onderzoek dat TNO uitvoert valt grotendeels in de domeinen van metabole ziektes en bescherming tegen intoxicaties. Als kennisinstelling verricht TNO naast toegepast onderzoek ook fundamenteel wetenschappelijk onderzoek naar mechanismen van ziekten (2%).

Deskundig geschoold personeel dat voldoet aan een ‘leven lang leren’ principe en gebruik van ‘best practice’ methoden zoals zijn opgesteld door o.a. NCad en IvD Platform (veelal verwerkt in gedetailleerde werkvoorschriften), dragen direct bij aan een verantwoord proefdiergebruik. Voor het scholen en blijvend trainen van personeel, het verfijnen van onderzoekstechnieken, en het implementeren van nieuwe onderzoekstechnieken/-modellen worden op kleine schaal proefdieren gebruikt (onderwijsdoeleinden: 2%). Van belang is dat het hier meestal dieren betreft, die niet speciaal voor dit doel zijn aangekocht, maar die aanwezig waren in de faciliteit en niet meer ingezet konden worden in andere experimenten.

Tabel 1: Proefdiergebruik TNO 2019

Voordat dieren worden ingezet voor onderzoek wordt eerst gekeken of onderzoeksmethodes ingezet kunnen worden ter vervanging, vermindering of verfijning van proefdiergebruik. Uiteraard voldoet TNO ook aan de kaders gesteld in de Wet op de dierproeven (Wod) rondom het interne toezicht op de dierproeven.

Een instantie voor dierenwelzijn (IvD) is ingesteld binnen TNO. Deze toetst of de uit te voeren experimenten bijdragen aan het doel gesteld in de afgegeven vergunningen. Tevens houdt de IvD toezicht op - en is een vraagbaak voor - de werkvloer. De voorzitter van de IvD maakt geen deel uit van de afdelingen die dierproeven verrichten, waarmee een extra onafhankelijkheidsstap is ingeregeld.

De wetenschappelijke onderzoeksvragen waarvoor TNO oplossingen ontwikkelt, richten zich op maatschappelijke vraagstukken. Resultaten van dit onderzoek worden ingezet om mensen die lijden aan bijv. metabool syndroom, overgewicht of hart- en vaatziekten te genezen en om deze aandoeningen en ziektes te voorkomen. Daarnaast doet TNO onderzoek naar het herstel bij acute intoxicaties en eventuele gevolgschade daarvan tot een minimum te reduceren.

VOLG TNO OP SOCIAL MEDIA

blijf op de hoogte van ons laatste nieuws, vacatures en activiteiten

Op TNO.nl maken we gebruik van cookies. De daarin opgeslagen informatie kan bij een volgend bezoek weer naar onze servers teruggestuurd  worden.