
TNO als orchestrator van leefstijl in de zorg
Leefstijl structureel onderdeel maken van de zorg klinkt logisch, maar blijkt in de praktijk een complexe systeemverandering. Toch heeft de Coalitie Leefstijl in de Zorg daar al concrete resultaten geboekt en groen licht gekregen om, met steun van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, door te gaan tot en met 2028. "Leefstijl is nog geen vanzelfsprekend onderdeel van de curatieve zorg, terwijl daar enorme gezondheidswinst én winst voor de houdbaarheid van het zorgsysteem te behalen valt", zegt Hanneke Molema, Principal Consultant bij TNO Health & Work en programmamanager van de coalitie.
De komende jaren verschuift de focus van ontwikkelen naar implementeren, opschalen en borgen. "De Coalitie Leefstijl in de Zorg werd opgericht vanuit het Integraal Zorgakkoord (IZA), waarin leefstijl een expliciete plek kreeg als onderdeel van passende zorg.
Samen met ruim 25 organisaties, waaronder Patiëntenfederatie Nederland en vereniging Arts & Leefstijl, werkt de coalitie aan de ambitie leefstijl structureel onderdeel te maken van de reguliere zorg", legt Molema uit. TNO is trekker van de Coalitie en vervult daarin een verbindende en orchestrerende rol en brengt kennis, praktijk en partners samen.

“De echte vraag is: hoe help je mensen daadwerkelijk om hun gedrag duurzaam te veranderen?”
Van onderzoek naar systeemverandering
Dat leefstijl een grote rol speelt bij gezondheid, herstel en kwaliteit van leven staat nauwelijks meer ter discussie. Toch is leefstijl in de dagelijkse zorgpraktijk nog geen vanzelfsprekend onderdeel van consulten, patiënteninformatie, zorgpaden of richtlijnen. Dat heeft alles te maken met de manier waarop de zorg historisch is ingericht.
"Onze zorg is van oorsprong georganiseerd rondom ziekte, medische handelingen en medicijnen. Leefstijl heeft daarin lange tijd onvoldoende aandacht gekregen. Om leefstijl duurzaam onderdeel te maken van passende zorg, moet het worden verankerd in richtlijnen, opleidingen, financiering en de dagelijkse praktijk", zegt Molema.
TNO kreeg daarin een dubbele rol: als onafhankelijke orchestrator van het netwerk en de gemeenschappelijke werkagenda én als kennispartner op het gebied van leefstijl, gezondheid en gedragsverandering. Molema voegt toe: “We deden al langer onderzoek naar leefstijlgeneeskunde en gedragsverandering. Toen VWS ons vroeg de coalitie op te zetten en te coördineren, konden we die kennis combineren met onze ervaring in publiek-private samenwerking.”
Leefstijlverandering draait niet alleen om medische kennis, maar volgens Molema vooral om menselijk gedrag: "Het is relatief eenvoudig om te zeggen dat meer bewegen of gezonder eten goed is voor iemands herstel of behandeling. De echte vraag is: hoe help je mensen daadwerkelijk om hun gedrag duurzaam te veranderen? De zorg speelt daarin een rol, maar slechts in beperkte mate. Daarom is het belangrijk om zorgprofessionals en patiënten concreet handelingsperspectief te bieden."
De eerste fase van de coalitie stond vooral in het teken van ontwikkeling, bewustwording en het creëren van praktische handvatten voor zorgprofessionals en patiënten. "Zorgprofessionals moeten bijvoorbeeld leefstijl bespreken en ‘domeinoverstijgend samenwerken’ maar wat moet een zorgverlener dan precies doen? Hoe voer je dat gesprek? Welke informatie geef je mee? Wanneer verwijs je door? Allemaal open eindjes en vragen waar we als coalitie vanuit ieders expertise aan zijn gaan werken”, vertelt Molema.
In 3,5 jaar tijd ontwikkelde de coalitie tientallen handreikingen, tools en implementatieproducten voor richtlijnontwikkelaars, patiëntenorganisaties, onderwijs en zorgprofessionals in de eerstelijnszorg, ziekenhuiszorg en GGZ. Daarbij was ook veel aandacht voor informatie die aansluit bij verschillende doelgroepen en gezondheidsvaardigheden.
Molema reageert: "Een mooi resultaat is uitbreiding van betrouwbare leefstijlinformatie via Thuisarts.nl en Apotheek.nl en van diverse patiëntenorganisaties. Want patiënten zoeken steeds vaker zelf naar informatie en dan moeten de antwoorden die zij krijgen van betrouwbare bronnen begrijpelijk en praktisch toepasbaar zijn."
'Teachable moments' benutten
De coalitie zet sterk in op zogenoemde 'teachable moments': momenten waarop patiënten extra gemotiveerd zijn hun leefstijl aan te passen. "Patiënten gaven zelf aan dat bepaalde momenten veel impact hebben. Bijvoorbeeld wanneer iemand op een wachtlijst komt, een operatie moet ondergaan of start met nieuwe medicijnen. Dan staan mensen vaak meer open voor informatie over wat zij zelf kunnen doen. We hebben specifieke handreikingen ontwikkeld voor teachable moments rond operaties, ggz wachtlijsten en medicatieverandering. Zodat zorg- en patiëntenorganisaties beter weten wat ze kunnen doen. Hierbij ligt de nadruk steeds op haalbare en realistische ondersteuning."
Volgens Molema is er inmiddels brede overeenstemming over het belang van leefstijl in de zorg. De uitdaging ligt niet meer in de vraag óf leefstijl een rol moet spelen, maar hoe die een vaste plek krijgt in de dagelijkse praktijk.
"Een ontslagbrief zou bijvoorbeeld niet alleen moeten gaan over wondzorg of medicatie, maar ook aandacht moeten besteden aan slaap, voeding, beweging en herstel. Pas als leefstijl op zulke momenten structureel wordt meegenomen, wordt het echt onderdeel van de zorg."

“Patiënten die op een wachtlijst staan krijgen via een digitaal programma ondersteuning op het gebied van slaap, voeding, beweging en zingeving.”
Van pilot naar praktijk
Nu de Coalitie Leefstijl in de Zorg wordt voortgezet tot en met 2028 verschuift de nadruk naar implementatie, opschaling en borging. "Verandering in de zorg is ingewikkeld", zegt Molema met een glimlach.
"Iedereen wil dat de zorg verandert, maar niemand wil zelf veranderen. Daarom hebben we vanaf het begin gekozen voor een pragmatische aanpak. Niet beginnen met grote systeemhervormingen, maar kijken naar wat er al wél werkt. We zoeken naar waar energie zit en waar goede voorbeelden bestaan. In plaats van telkens opnieuw het wiel uit te vinden, stimuleren we dat organisaties van elkaar leren en succesvolle initiatieven van elkaar overnemen."
Die aanpak leidde tot meer dan tweehonderd implementatievouchers voor zorgorganisaties en patiëntenverenigingen. "We zijn geen praatcoalitie, maar een doe-coalitie. Het gaat ons erom dat goede ideeën ook echt landen in de praktijk. Een mooi voorbeeld is WachtActief van Lentis. Dat programma bestond al op kleine schaal, maar dankzij een implementatievoucher van de Coalitie Leefstijl in de Zorg konden zij het uitbreiden, medewerkers trainen en het structureel op meerdere afdelingen invoeren. Patiënten die op een wachtlijst staan krijgen via een digitaal programma ondersteuning op het gebied van slaap, voeding, beweging en zingeving."
Ook in ziekenhuizen wordt technologie steeds vaker ingezet om leefstijl onderdeel te maken van reguliere zorgpaden. Molema legt uit: "Rondom het Jeroen Bosch Ziekenhuis zijn bijvoorbeeld leefstijlmodules ontwikkeld binnen bestaande thuismonitoringprogramma's. Het mooie daarvan is dat je niet iets compleet nieuws hoeft te bouwen. Je gebruikt bestaande technologie slimmer en integraler." Volgens Molema is digitale ondersteuning onmisbaar om leefstijl op grote schaal onderdeel van de zorg te maken.
"Een patiënt met diabetes ziet de praktijkondersteuner misschien vier uur per jaar. De rest van de tijd moet iemand het zelf doen. We gaan dat simpelweg niet redden met alleen fysieke contactmomenten. Dan helpt het enorm als technologie mensen thuis ondersteunt." Volgens Molema hoeft die technologie niet ingewikkeld te zijn. Juist eenvoudige toepassingen die aansluiten bij het dagelijks leven van patiënten kunnen een groot verschil maken.
“Leefstijl als vanzelfsprekend onderdeel van passende zorg”
In de nieuwe fase van de coalitie nemen branche- en koepelorganisaties steeds meer zelf de regie. "Als leefstijl echt onderdeel moet worden van passende zorg, dan moet het ook onderdeel worden van de reguliere structuren in ziekenhuizen, huisartsenorganisaties, ggz-instellingen en opleidingen”, voegt Molema toe.
TNO heeft daarbij naar de rol van kennispartner en verbinder. "Onze kracht zit in het samenbrengen van kennis, praktijk en beleid voor missiegedreven innovatie. Als onafhankelijke coördinator vervullen we hierin een verbindende rol. Dat betekent ook voortdurend schakelen tussen verschillende belangen. Uiteindelijk draait het steeds om dezelfde vraag: wat helpt om de missie verder te brengen?"
De ambitie reikt verder dan losse leefstijlinterventies. Het doel is een verschuiving van ziekte en behandeling naar gezondheid, gedrag en preventie. "Het mooiste zou zijn als leefstijl over vijf jaar geen apart thema meer is, maar een vanzelfsprekend onderdeel van goede en toekomstbestendige zorg", besluit Molema.
Dit artikel is verschenen in ICT & Health op 21 augustus 2026
Neem contact met ons op
Laat je verder inspireren
TNO lanceert VIMtima: een nieuw Organ-on-Chip-model voor beter onderzoek naar vaginale gezondheid


Volledig digitaal gepersonaliseerd voedingsadvies levert meetbare gezondheidsvoordelen op


Versnelling biomarkerinnovatie cruciaal voor toekomstige zorg


Van innovatie naar klinische impact: TNO en Orikami brengen digitale biomarkers samen sneller naar de zorgpraktijk


